vrijdag 18 december 2020

Leven en Lot, Vasili Grossman, 1992 (2008)

Boekomslag, De vertaling is van Froukje Slofstra. 
Ik geef eerst wat achtergronden bij dit boek: 
Allereerst vond ik het leuk op internet een radio-uitzending terug te vinden van het programma OVT. 
Luister onder DEZE (VPRO)-LINK, duur circa 18 minuten. 
Maar je kunt ook hier verder lezen, ik vertel wat er aan de hand was. In dat jaar, 2009, kreeg Froukje Slofstra de Aleida Schotprijs voor de vertaling van Leven en Lot. In de studio waren aanwezig: Alexander Munninghof, en historicus Wim Berkelaar. 
Froukje Slofstra, kreeg de prestigieuze Aleida Schotprijs voor haar vertaling van Leven en Lot. Bovendien verwierf ze voor dit boek een prijs van de Russische Academie van Wetenschappen.
Bovendien was aanwezig Alexander Munninghof, over wie ik blogde in de Stamhouder.
Alexander Munninghof overleed in mei van dit jaar. 
Het gesprek vond plaats naar aanleiding van die prijsuitreiking, waarbij ook de Russische ambassade aanwezig zou zijn. Best opmerkelijk voor een boek dat het Stalintijdperk genadeloos fileert, in een tijd dat Stalin weer populair aan het worden is.
Van zo'n Rusland-kenner als Munninghof is het leuk te horen, dat de bovenlaag in Rusland dit boek natuurlijk kent/leest. 
Leven en Lot wordt een roman zonder plot genoemd. Er vinden tal van gebeurtenissen plaats, in de eerste plaats die aan het front in Stalingrad, maar ook op tal van andere plaatsen. Onder andere het thuisfront van de fysicus Strum, een Jood. 
Vasili Semjonovitsj Grossman, 1905-1964 
De heren noemden het boek fabuleus geschreven, hetgeen ik alleen maar volmondig kan beamen. Ton en ik lazen het vanaf maart 2019, stukje voor stukje aan het eind van de maaltijd. We hielden het dikwijls niet droog, zó aangrijpend was wat Grossman schreef. 
Onderwerp is, heel kort samengevat: hoe Rusland onder het communistisch bewind vocht tegen de nazi's, met constant de angst voor een nekschot van de eigen communistische partij.
Aan de lof die het boek allerwegen wordt toegezwaaid, deed de historicus Wim Berkelaar iets af. In het Historisch Nieuwsblad (en in dit VPRO-programma) zei hij, dat de maar liefst 237 personages die figureren in het boek, voor hem te veel waren. Hij werd daar gek van, en besloot dat het boek daardoor eigenlijk niet te volgen was. 
Wim Berkelaar; Leven en Lot telt te veel personages. Zie 
Het woord 'roman-essay' viel: daaruit bestaat het boek, met de diverse 'fronten' + bijbehorende personages.
Het is een complex, dik boek. Het is deels autobiografsich, Grossman was lange tijd oorlogsverslaggever. Hij sprak diverse generaals, die hij in Leven en Lot goed beschreven heeft. Sinds 1937 maakte hij deel uit van de Schrijversgeneratie. (De Bond van Sovjetschrijvers, Het doel van de bond was partij- en staatscontrole binnen de literatuur.) Al die schrijvers bleven angstvallig pro-Stalin. 
Ook Grossman - maar niet voorgoed! 
Grossman schreef nog meer, onder andere dit werkje; en Glück Auf, een sociaal-realistisch werk. Grossman is zelf marxist geweest,
Helaas heeft hij zelf ook zijn handen vuil moeten maken. Tijdens de showprocessen in 1938 verried hij mede met anderen samen vriend en revolutionair Boecharin en Aleksej Rykov. Grossman zette zijn handtekening onder het stuk dat zijn schuld vaststelde. Beiden werden in 1938 ter dood gebracht. 
Aleksej Rykov. Hij en Boecharin (zie foto hieronder) slachtoffer van showprocessen.
Nikolaj Boecharin. 
Grossman werkte mee aan het artsencomplot, de beschuldiging van Joodse artsen van sabotage. Dit complot was georganiseerd door Joseph Stalin. In 1951–1953 werden die artsen, overwegend Joods,  uit Moskou beschuldigd van een samenzwering om Sovjetleiders te vermoorden. 
Grossman deed mee, zelf Jood!
Na 1945 verklaarde Stalin de oorlog aan het ‘kosmopolitisme’, gericht tegen repatrianten en joden. Drijfveer was de angst voor infectie met westerse denkbeelden. Van Ree, die een boek schreef over de politieke denkbeelden van Stalin, schreef: ‘Met name na de oprichting van de staat Israël wantrouwde Stalin de sovjetjoden. Bovendien koesterde hij het aloude vooroordeel van de jood als kapitalistische schurk.’
Straatgevechten in Stalingrad, belangrijk thema in Leven en Lot
Ook hiermee liet Grossman zich in. Gedwongen door de afschuwelijke omstandigheden, maar toch:
Het moet afschuwelijk voor Grossman zijn geweest. Het valt heel goed af te lezen in Leven en Lot, als het lot van Strum wordt beschreven. Die dreigt uit de partij te worden gezet en naar een kamp gestuurd te worden, terwijl hij juist een geweldige wetenschappelijke doorbraak heeft bereikt. Hij blijft sterk, maakt geen openbare excuses en dergelijke; is wel door iedereen verlaten. Dan belt Stalin hem op om hem te feliciteren met zijn behaalde wetenschappelijk succes. Strum wordt terug in genade aangenomen door de partijtrouwe collega's en vrienden, iedereen is weer vriendjes met hem. Dan moet hij iets tekenen wat integere goede mensen onterecht belastert. Wég is Strums kracht om hen niet te verraden. Alles wat hij voelt is gedweeheid, en hij doet wat er van hem door de partij geëist wordt. Daarna gaat hij door diepe rouw, grote morele ellende. 
Jozef Stalin, 1878-1953. Is tegenwoordig populairder in Rusland dan Grossman!
Wij, als lezers konden dit niet zonder tranen meebeleven. Hier heeft Grossman zijn eigen ervaring beschreven: het afschuwelijke van mee te ziin gegaan in een abject systeem. (In mijn achterhoofd hoorde ik 'Erbarme Dich' klinken.) 
Rechts generaal Paulus, te Stalingrad. Grossman voert zowel historische, als fictieve personages op in zijn roman. Paulus capituleerde tegen de wil van Hitler in. 
Grossman is wel verder geëvolueerd, hij bleef geen marxist. Dat uit zich in Leven en Lot door de  ongelooflijke heldere en scherpe kritiek die hij levert op het stalinisme. De pijn die het mensen kost onder dit bewind te leven wordt indringend beschreven. Maar ook de karakterschetsen van de partijbonzen is geweldig qua overtuigingskracht. Grossman trekt ook een parallel tussen nazisme en communisme. 
Het was, met al die kritiek, dan ook wel wat naïef van Grossman te denken dat hij zijn boek zomaar kon publiceren. Hij wendde zich daarvoor tot Chroetsjov. Dat leidde uiteindelijk tot 'de arrestatie van het manuscript' van Leven en Lot. Deze hele geschiedenis wordt verteld in een documentaire, waarover ik DIT BLOG schreef. 
Titel van de Arte-documentaire, uitgezonden in mei van dit jaar. Duitse titel: Stärker als der KGB. 
Leven van Babel en Grossman wordt hier belicht
Ik wil graag nog even dit boek vermelden, als achtergrond bij het moeilijke leven van Grossman::
Aan de hand van de bewogen levens van de grote Russisch-Joodse schrijvers Isaak Babel en Vasili Grossman schetst Michel Krielaars in ‘Alles voor het moederland’ een beeld van een meedogenloze wereld, waarin het vermoorden van onschuldige burgers een gewone zaak was en het individu kapot werd gemaakt. Aanvankelijk waren Babel en Grossman net als vele anderen enthousiast en vol hoop over het Rusland van na de revolutie. Zij geloofden dat er offers gebracht moesten worden voor de nieuwe samenleving en waren blind voor de wreedheden van Stalin. Zo kon het gebeuren dat in 1937, de tijd van de Grote Terreur, 800 000 Sovjetburgers met een nekschot werden omgebracht, 1,7 miljoen gearresteerd en 350 000 naar strafkampen verbannen. In de loop van de jaren maakte enthousiasme plaats voor desillusie en angst. Babel en Grossman konden niet meer schrijven wat zij wilden, de druk vanuit de Communistische Partij werd steeds groter. Krielaars laat als geen ander zien hoe het is om je geloof in gelijkheid, vrijheid en socialisme te verliezen en te moeten inzien dat een ideaal verwordt tot een terreurregime.
Pavlov's House. 1943. Pavlov was de naam van de eerste leidinggevende Rus in dit appartementencomplex in Stalingrad; Grossman noemt dit bolwerk 'Huis 6/1'
In OVT wordt verteld hoe de Sovjets er alles aan deden het manuscript te laten verdwijnen. Grossman was een gebroken man en maakte de publicatie zelf niet mee.. Alle manuscripten werden uit zijn huis gehaald, zelfs carbon en typelint van zijn schrijfmachine werden meegenomen!
Ten slotte is het manuscript toch gered: het zat in een boodschappennetje, dat bij een vriend jarenlang aan de kapstok heeft gehangen. De eerste publicatie was in het buitenland.

0-0-0-0-0-0-0-0-0-0-0-0-0-0-0-0-0-0-0

Ik maak het me wat gemakkelijk met de inhoud van het boek. Ik verwijs daarvoor graag naar de Engelse Wikipediasite, zie Life and Fate, Wikipedia. 
De tekst is met Google gemakkelijk te vertalen. De opbouw van het artikel is als volgt: 

1Geschiedenis van het manuscript
2Historische context
3Hoofdpersonen
4Plot samenvatting
5Hoofdthema's
5.1Thema over Joodse identiteit en de Holocaust
5.2Grossman's idee van menselijkheid en menselijke goedheid
5.3Stalins verdraaiing van de werkelijkheid en waarden
5.4Het leven gaat verder
5.5Wetenschap
5.6Realiteit van oorlog
5.7Grossman's opvattingen over totalitarisme
6Radio aanpassing
7Televisie aanpassing
8Voetnoten
9Externe links
Naar beeld: gewonde Duitse krijgsgevangene.
Bundesarchiv, via Wikimedia Commons
Aan het eind gekomen van mijn blog over dit prachtige boek, wil ik graag een aantal passages vermelden die ons bijzonder getroffen hebben: 
Heel indrukwekkend is die, waarin de zesjarige David in de armen van Sofja Osipovna Levinton sterft in de gaskamer. Het is voor mij sowieso de eerste keer dat ik die moord tot op het laatst beschreven zie. 

Een andere prachtige passage wordt vaak aangehaald: het is de brief van Anna Semjonovna (Anja) Strum, de moeder van Viktor Pavlovitsj Strum (Vitja). Zij is slachtoffer van de massamoord op de Joodse bevolking van de Oekraïne. Zij wordt het ghetto in gejaagd, en ziet haar dood aankomen.
Ik meen te weten dat die brief hier net zo in staat, het is puur autobiografie. 
Over het algemeen gesproken ben ik het meeste geraakt door de emoties die Grossman vertolkt, met heel veel inzicht in de menselijke psychologie. 

Zo is dan de laatste passage die ik wil noemen die mij (ons) de tranen in de ogen bracht, Ik citeer enkele regels; het gaat om het berouw van Strum: 
"Zowel zondige als rechtschapen mensen hebben zwakke momenten. Het verschil ligt in het feit dat een nietswaardig mens zich zijn leven lang laat voorstaan op een goede daad, terwijl een rechtschapen mens zijn goede daden niet opmerkt, maar jarenlang blijft tobben over een begane zonde. En hij, hij was trots geweest op zijn moed en zijn oprechtheid, hij had iedereen uitgelachen die blijk gaf van zwakte of bangelijkheid. Maar nu had hij ook mensen verraden. Hij schaamde zich, hij verachtte zichzelf. Het huis waarin hij woonde, het licht en de warmte binnen - alles was verpulverd tot los, droog zand."

Nog een opmerking over Strum: hij is niet alleen autobiografisch getekend; er is ook werkelijk een  natuurfysicus geweest, die Grossman heeft willen gedenken. Deze historische Strum is wel vermoord. 

Lev Yakovlevich Strum
1890-1936; - Russische natuurkundige, filosoof van de natuurwetenschappen. Hoofd van de afdeling Theoretische Fysica, Universiteit van Kiev. Onderdrukt en neergeschoten op vervalste beschuldigingen. Hij werd postuum gerehabiliteerd.
Plattegrond van de stad langs de Wolga met markering van fabrieken, elektriciteitscentrale en andere strategische objecten bij de Slag om Stalingrad 1944, voor: Uitgeverij Balans, Vasili Grossman, Leven en Lot (vert. Froukje Slofstra), 2008.

dinsdag 15 december 2020

Zen en Christendom, Hugo M. Enomiya-Lasalle, 1974.

 
Boekomslag 
Oorspronkelijke uitgave: Zen unter Christen, Östliche Meditation und christliche Spiritualität. 
Hugo M. Enomiya Lassalle (1898-1990);
Duits Jezuïet, werkte als missionaris in Japan; om de Japanners beter te begrijpen ging hij het zenboeddhisme bestuderen. Zodoende werd hij een van de pioniers van zen in Europa.
Boekje uit mijn eigen boekenkast, ik vermoed een keer aangeschaft op een rommelmarkt. Ik verwachtte er niet veel van, toen ik het oppakte. Maar kijk: de schrijver wordt nog steeds genoemd op internet, en is een belangrijk figuur geweest bij de introductie van zen in Europa. 
Het is niet de eerste Jezuïet die ik tegenkom, met betrekking tot zen en christelijke contemplatie. Later hoop ik nog te kunnen schrijven over de Jezuïet Franz Jalics. 
(En overigens heb ik inmiddels ook nogal wat Dominicanen gevonden die zich hebben gewijd aan de contemplatie. Zie mijn blog over het boekje De spiritualiteit van Meister Eckhart. Eckhart zelf was Dominicaan). 
0-0-0-0-0-0-0-0-0-0-0-0-0-0-0

Terug naar het boekje, Zen en Christendom:  
Het was een verrassing te merken, dat de inhoud nog steeds actueel is; nu wel iets anders dan in 1972, het jaar van verschijnen. Toen was 'oosterse mystiek' nog enigszins verdacht bij de katholieke kerk; bij het Tweede Vaticaans Concilie werd beoefening ervan als ketters aangemerkt. Maar lang heeft die opmerking er niet in gestaan (of is herroepen, dat weet ik niet precies). 
Jan van Ruusbroec of Ruysbroeck, ook "de Wonderbare" genoemd, 1293-1381. 
Ruusbroec geldt als een van de grootste mystici van de Zuidelijke Nederlanden. Hij schreef in het Middelnederlands, zijn werken werden spoedig ook vertaald in het Latijn.

Lasalle begint met een mooi gedicht van Jan van Ruusbroec, waarvan ik hier maar enkele regels citeer: 

Scouwen es een weten wiseloos
Dat boven redene blivet altoes,
Het en mach in redenen niet dalen, 
Ende redene en maecht boven hare niet herhalen 

[Mijn vertaling: 
Schouwen is een weten zonder methode
dat altijd boven de rede blijft
Het kan niet gereduceerd worden tot redeneren
En de rede kan het niet boven zichzelf achterhalen.] 

Lasalle legt uit, dat zen, of meditatie in het algemeen, ánders is dan het zogenaamde intentionele bidden. Daarbij wordt een geloofswaarheid overwogen met behulp van verstand, wil en verbeelding. Door middel van nadenken en bezinning op een schriftwoord of een geloofswaarheid probeert men nader tot God te komen. Na een periode van groei op deze wijze, zijn veel mensen op een dood punt gekomen, deze oude weg voldoet niet meer.
Johannes van het Kruis 
ook (Sint-)Jan van het Kruis; Spaans: Juan de la Cruz; eigenlijke naam: Juan de Yepes; 1542 - 1591; Spaans heilige, mysticus, dichter en kerkleraar. 

Soms moet men bij het schouwen door een donkere nacht. Ik geef hier een gedicht van Juan de la Cruz: 

Noche oscura

1. En una noche oscura,
con ansias, en amores inflamada
¡oh dichosa ventura!,
salí sin ser notada
estando ya mi casa sosegada.

2. A oscuras y segura,
por la secreta escala disfrazada,
¡Oh dichosa ventura!,
a oscuras y en celada,
estando ya mi casa sosegada.

3. En la noche dichosa
en secreto, que nadie me veía,
ni yo miraba cosa,
sin otra luz y guía
sino la que en el corazón ardía.

4. Aquésta me guiaba
más cierto que la luz del mediodía,
adonde me esperaba
quien yo bien me sabía,
en parte donde nadie parecía.

5. ¡Oh noche que guiaste!
¡Oh noche amable más que el alborada!
¡Oh noche que juntaste
Amado con amada,
amada en el Amado transformada!

6. En mi pecho florido
que entero para él sólo se guardaba,
allí quedó dormido,
y yo le regalaba,
y el ventalle de cedros aire daba

7. El aire de la almena,
cuando yo sus cabellos esparcía,
con su mano serena
en mi cuello hería
y todos mis sentidos suspendía.

8. Quedéme y olvidéme,
el rostro recliné sobre el Amado,
cesó todo y dejéme,
dejando mi cuidado
entre las azucenas olvidado. 

Uit: 
Canciones del alma que se goza de haber llegado al alto estado de la perfección, que es la unión con Dios, por el camino de la negación espiritual. 

Vertaling:

Zangen van de ziel die zich erin vergenoegt de hoge staat van volmaaktheid bereikt te hebben die de vereniging met God is, langs de weg van de geestelijke nieting. nacht

Donkere nacht

1. In een donkere nacht,
hunkerend, ontvlamd in liefde
- o fortuinlijk geluk!
ging ik ongemerkt naar buiten,
reeds lag mijn huis in rust.

2. In het donker en veilig,
langs de geheime ladder, vermomd,
- o fortuinlijk geluk!
in het donker en verholen,
reeds lag mijn huis in rust.

3. In die fortuinlijke nacht,
in het geheim, dat niemand mij zag,
noch ik had oog voor iets,
met geen ander licht, geen andere gids
dan wat er gloeide in het hart.

4. Dat gidste mij
zekerder dan het middaglicht
naar waar hij mij wachtte
die ik goed mij wist
op een plek waar niemand kwam.

5. O nacht, jij die gidste!
O nacht, lieflijker dan het gloren!
O nacht, jij hebt verbonden
Geliefde met geliefde,
geliefde in de Geliefde omgevormd!

6. Aan mijn borst in bloei,
geheel voor hem alleen bewaard,
daar bleef hij ingeslapen
en ik streelde hem
en de waaier van ceders gaf wind.

7. De wind van de tinne,
toen ik door zijn haren streek,
trof met haar hand
sereen mijn hals
en vervoerde al mijn zinnen.

8. Ik bleef zelfvergeten,
vlijend het gelaat over de Geliefde,
alles week en ik liet mij,
latend mijn schroom
tussen de leliën vergeten.

(Gedicht en vertaling haal ik van de site Spirin. Daar is ook een volledige uitleg te vinden van het gedicht.)
Een aantal jaren geleden bezochten wij Segovia, alwaar zich het graf bevindt van Juan de la Cruz. In een aparte kapel, in het Klooster van de Ongeschoeide Karmelieten.
Na dit 'poëtisch-mystieke uitstapje' keer ik terug naar Enomiya-Lasalle:
Voor het begrip mystiek verwijst hij naar Carl Albrecht, die een boek schreef over het Mystiek Bewustzijn. Albrecht deed dat vanuit eigen ondervinding met het schouwende leven, en vanuit zijn kennis als arts. 
Carl Albrecht (1902-1965)
Boek: Meditation als weg zur gotteserfahurung. 
Lasalle legt het mystieke zelf als volgt uit: 
Oude gebedsmethoden werken niet meer, bijvoorbeeld vanwege de bijbelexegese; mensen kunnen eenvoudig niet meer letterlijk nemen wat er geschreven staat. 
In het christendom zijn we, zoals al gezegd, vertrouwd met de zogenaamde intentionele  meditatie, maar de meditatie van niet-christelijke oorsprong gebruikt andere methoden.
Het verstand heeft in het westen lange tijd overwicht gehad op de ontwikkeling van de mensheid, zie de bloei van natuurwetenschap en techniek. Maar we lijken een beetje op het eindpunt van die weg te zijn gekomen, op religieus gebied. En er ís ook meer:  
Portretten van Hammerskjöld, Kierkegaard en Eckhart. Van: DEZE SITE, artikel Welmoed Vlieger.
Met als titel: 
Over de grond van de ziel – Daar waar de mens geworteld is in het eeuwige.
Behalve verstand en wil is er nog een derde geestelijk vermogen: de grond van de ziel, waaaruit alle geestelijke vermogen voortkomen. Dit feit is in de grote godsdiensten uit het oosten altijd erkend, in het westen is dit orgaan verkommerd door overbeklemtoning an het verstand. Je kunt dit orgaan ook 'het derde oog' noemen. Hugo van Sint-Victor noemde het, het oog van de beschouwing. Boefent men veelvuldig zazen, dan zal men ervaren dat christelijke waarhieden en schriftteksten op onverwachte wijze letterlijk gaan oplichten. Geloven is niet alleen maar een abstrakte manier van kennen, het is een begrijpen met heel zijn persoon 
Hugo van Sint-Victor geeft onderricht in de kloosterschool (Bodleian Library)
Hugo van Sint-Victor (ca. 1097- 1140);  beroemd mysticus, scholastisch filosoof en theoloog. 
Met het derde oog wordt tegenwoordig het zesde chakra bedoeld. 
O.i.v. de Oefeningen van Ignatius is de objektgebonden meditatie die overwegend met verstand en wil wordt beoefend, sterk verbreid. Men begint met het lezen van de Schrift, daarover moet men dan nadenken, en vervolgens moet men die op het eigen leven betrekken. Tot besluit volgt er dan een dialoog met God.
De toegang tot de oergrond bestaat bij de kontemplatieve orden, die ouder zijn dan Igantius, uit het denken aan Gods tegenwooordigheid in het eigen hart. Er worden geen akten verricht, maaar ontvangen en geboren, als in een moederschoot
Die oergrond  is niet zomaar identiek met het onbewuste, er moet onderscheid worden gemaakt tussen het hogere, geestelijke onbewuste en het lagere, psychische onbewuste. De hogere bezit de kracht om godsdienstige moeilijkheden, vooral geloofsmoeilijkheden te overwinnen. 

Je kunt ook zeggen: het denken brengt het geloof niet dichterbij; bovendien komt de mens door denken vaak nog verder in de problemen. 
Orthodoxe afbeelding van de heilige drie-eenheid in de vorm van drie engelen in de "gastvrijheid van Abraham". Russisch beeld van Andrei Rublyov.
Veel mensen zijn niet eens in staat een intentionele meditatie te verrichten. Het zou geweldpleging zijn om dat te (blijven) eisen. Men moet de chirsiten vrij laten in de manier waarop hij dcihter bij God wil komen. De meditatie moet een godservaring worden. 
Lasalle bestrijdt dat zenmeditaite leidt tot een houding zonder naastenliefde. De karma-leer houdt zich immers bezig met de vraag hoe zich te bevrijden uit de als smartelijke ervaren wetmatigheid van de menselijke tekortkomingen. Bovendien moet het ik leren zich via een lange weg van voorbereiding en ascese te bevrijden van alle gehechtheid, onoprechtheid, begeerten, verlangens, van iedere vorm van macht en zelfverheffing. 
Wanneer het denken en overwegen aldus is stilgelegd na een langdurig proces, wordt de illusie doorzien, en de verbrokkeldheid opgeheven.  De waarheid van het Een-zijn wordt  ervaren. Het vuur van de haat is uitgeblust, zo ontstaat een altruistische levenshouding. 

Het is een tot zichzelf ingaan, een diepe ingekeerdheid. 'Wie heil (=heel) is, die houdt van de wereld,' (Carl Albrecht).
Overdreven dualisme stamt niet uit het oosten maar uit het westen.
Kerkbezoek loopt terug, ook omdat mensen zich niet meer kunnen verenigen met de kerk. Buiten dat missen mensen in de liturgie het meditatieve element. 
Boeddha, van de site LEERHUIS SPIRITUALITEIT
Wegwijzers voor de praktijk
De mensen reizen de wereld rond, om op een dag te ontdekken dat het ware geluk alleen in het eigen hart ligt. 
Lasalle waarschuwt voor 'geestelijke gulzigheid": als meditatie een doel op zichzelf wordt, waarbij het ik (ego)  alleen maar wordt versterkt. Dit is onechte meditatie, die afsluit en zelfzucht voedt; de echte maakt vrij en open naar de ander. Meditatie is ook niet alleen maar een middel om tot rust te komen, Lasalle pleit  voor een mediatie in verbinding met een godsdienst of wereldbeschouwing, dan is zij een hulpmiddel om naar dat geloof te leven ens telt zij ook  niet teleur. 
Als je eenmaal tot een bepaalde meditatie-methode besloten hebt, kun je je daar ook het beste maar aan houden. Bepaalde voorschriften kunnen van wezenlijk belang zijn, Lasalle noemt het kaarsrechtop zitten. Maar je kunt natuurljjk tevreden zijn met wat mindere voorschriften in achte te nemen, 
In het oosten is de zenmeester ook erg belangrijk, de heilige Geest, de eigenlijke geestelijke Leider, zou zich alleen maar mede via de eenmaal gekozen leidsman meedelen,
Lasalle wijst ook op het boekje Zen - Weg zur Erleuchtung, een schriftelijke inleiding voor als je echt niemand kunt vinden om je te leiden, 
Mogelijke schriftelijke inleiding in het mediteren,
De betekenis van de oosterse meditatie voor de ontwikkeling van het nieuwe menstype. 
Zenmeditatie heeft niet alleen betekenis voor het individu, maar ook voor de mensheid als geheel. Wat de mensheid nu meemaakt is, dat ze opnieuw voor een sprong staat. Bij Plato begon dat: de sprong van het vertstand; die ontwikkeling is nu over zijn hoogtepunt heen. 
Lasalle noemt in dit verband Teilhard de Chardin,  Sri Aurubindo en Lecomte du Nouy. Het bovenbewuste van de mens zal gegeven worden, zegt Aurubindo, van boven af. Het menselijk lichaam is ook gegeven in dit proces, en dus zal de mens ten slotte onsterfelijk worden. 
Of het een hersenschim is, laat hij in het midden. Wel vindt hij het zeker, dat de mensheid psychisch ziek is, en dat die ziekte met reuzenschreden om zich heen grijpt. Lasalle roemt in dit verband India, dat een soort nieuw wereldcentrum zou kunnen zijn, als 'brandpunt van geestelijk leven'. 
Sri Aurobindo, 1872-5 - 1950); 
Indiaas filosoof, yogi, goeroe, dichter en nationalist. Hij sloot zich aan bij de Indiase beweging voor onafhankelijkheid van de Britse overheersing.
Uitleg bij Aurobindo:
In het centrum van Aurobindo's metafysische systeem staat het supermind, een intermediaire kracht tussen het ongemanifesteerde (Brahman) en de gemanifesteerde wereld.  Aurobindo beweert dat het supermind niet volledig vreemd aan ons is en in onszelf kan worden gerealiseerd aangezien het altijd aanwezig is in de geest, omdat het laatste in werkelijkheid identiek is aan het eerste en het als een potentieel in zichzelf bevat.  Aurobindo schildert het supermind niet af als een originele eigen uitvinding, maar gelooft dat het te vinden is in de Veda's en dat de Vedische goden de krachten van het supermind vertegenwoordigen. In The Integral Yogahij verklaart hij: 'Met het supermind wordt bedoeld het volledige waarheidsbewustzijn van de goddelijke natuur waarin geen plaats kan zijn voor het principe van verdeeldheid en onwetendheid; het is altijd een volledig licht en kennis die superieur is aan alle mentale substantie of mentale beweging.
Pierre Teilhard de Chardin, 1881-1955, 
Frans paleontoloog, pater jezuïet en theoloog; in 1955
Sri Aurobindo heeft verwezen naar verschillende Europese filosofen, waarbij hij de affiniteit met zijn eigen gedachtegang bespreekt. Zo schreef hij een lang essay over o.a. de Griekse filosoof Heraclitus en Plotinus. 
Verder hebben  verschillende onderzoeken blijk gegeven van een opmerkelijke verwantschap met de evolutionaire gedachte van Teilhard de Chardin. Volgens Aurobindo was Teilhards visie dezelfde als de zijne. Teilhard geloofde dat de evolutie nog niet af was, dat er nog een geestelijke ontwikkeling ging volgen. 
Pierre Lecomte du Nouy, 1883 - 1947;  Frans biofysicus en filosoof. 
In zijn boek Human Destiny schreef hij dat biologische evolutie doorgaat naar een spiritueel en moreel vlak. Du Noüy ontmoette Pierre Teilhard de Chardin die dezelfde interesses deelde in evolutie en spiritualiteit. 
Een nieuwe dimensie in het religieuze.
Lasalle hoopt dat de mensheid toewerkt naar de bewustwording van haar wezenlijke betrokkenheid op het absolute zijn; in christelijke termen: de mystieke eenwording/vereniging met God. Én het handelen vanuit deze relatie, zodat de mens werkelijk met Paulus kan zeggen: 'ik leef; nee, niet ik leef, maar Christus leeft in mij.' Denken van hieruit is heel wat betrouwbaarder dan het objektiverende denken 
Hij bepleit ook een waarachtig mediteren, waarbij niet het christelijke godsbeeld blijft bestaan; het kan de volledige wording tot persoon in de weg staan. 'Men berooft zo de mediterende van de mogelijheid om zich vol vertrouwen onder te dompelen in de objekt-transcenderende grond, waarin alleen het ik met zijn verhard godsbeeld ondergaat. Waaraan alleen de eigenlijk persoonskern kan ontbloeien en waarin alleen de mens in staat is gods roep te bvernemen, die meer is als een tegenstem van zijn eigen angstige en verlangende empirische ik. (Dürckheim) 
Stille in der Natur 
Natur, wo sie ganz bei sich selber ist, hat Stille um sich. 
So ein Baum, einfach, wie er da steht und gar nichts anderes will. 
Oder ein Reh, das äst, ganz versunken in seiner Weise, Nahrung aufzunehmen. 
Oder ein Kind, das mit ungeheurem Ernst seinem Spiel hingegeben ist, ganz dann verwoben – da ist diese Stille, Leben bei sich selbst. 
Karlfried Graf Dürckheim
(Plaatje en tekst van DEZE SITE.)
Karlfried Dürckheim (1896-1988)

zaterdag 12 december 2020

Zeitgeist, met Paul Verhaeghe en Sylvia Wenmackers, vrijdag 11 december 2020.

Zeitgeist, podcast, vrijdags 17.00-18.00 uur
Werner Trio, presentator Zeitgeist
Gisteren, vrijdag 11 december, raakten Ton en ik toevallig in een radio-uitzending van Klara, de Belgische klassieke muziek-zender. Van 17.00 tot 18.00 uur was daar een praatprogramma, dat we hapsnap oppikten, en dat ik vandaag, een dag later, via de podcast in zijn geheel beluisterd heb. 
Het bleek, dat deze uitzending er één van de vier was onder de gezamenlijke titel Het onbehagen van Verhaeghe. 
Paul Verhaeghe, hoogleraar psychologie. 
Het Onbehagen van Verhaeghe III: kan een samenleving zonder waarheid?
Klara vatte de uitzending/podcast als volgt samen:
Na instellingen als kerk en overheid, lijkt de wetenschap snel aan autoriteit te verliezen. De coronacrisis heeft de wetenschappelijke twijfel en de discussie daarrond op de straatstenen gegooid. Het publiek, dat van wetenschap waarheden verwachtte, is in de war. Publiek psycholoog Paul Verhaeghe gaat met natuurkundige en wetenschapsfilosofe Sylvia Wenmackers op zoek naar eerherstel en een juiste omgang met wetenschap. 
Sylvia Wenmackers, wetenschapsfilosoof. 
Paul Verhaeghe is doctor in de klinische psychologie en hoogleraar aan de Universiteit Gent. Met Liefde in tijden van eenzaamheid (1998) brak hij door naar een algemeen en internationaal publiek. Het einde van de psychotherapie (2009), Identiteit (2012), Autoriteit (2015) en Intimiteit (2018) bereikten eveneens een groot internationaal lezerspubliek. In de pamflettenreeks Nieuw Licht publiceerde hij Over normaliteit en andere afwijkingen (2019).
Uitgave 2015.
Thema vandaag is de omgang met de waarheid; en de verhouding tussen kennis en waarheid. Verhaeghe, met zijn publicaties over identiteit, autoriteit en intimiteit zou hier zeker wat over te zeggen hebben. 
Hoe komt kennis tot stand? En moet basiskennis niet breder verspreid worden?
Daar zitten al meteen haken en ogen aan. Het Dunning-Krugereffect werd genoemd.: het verschijnsel is vernoemd naar de twee wetenschappers uit de naam, die het niet bedachten maar er wel onderzoek naar deden en erover publiceerden.
YouTube-filmpje waarin het Kruger-Dunning-effect wordt uitgelegd, ongeveer 5 minuten. 
PS: we lijden er allemaal aan!
Uitleg: Incompetente mensen overschatten nogal eens hun eigen kunnen en daardoor wanen ze zich bovengemiddeld competent. Mensen die werkelijk bovengemiddeld competent zijn, hebben daarentegen de neiging hun eigen kunnen te onderschatten. Een mogelijke  verklaring kan zijn een gebrek aan intellectueel zelfvertrouwen waar sommige competente mensen mee kampen: zij gaan ervan uit dat anderen net zo capabel zijn als zijzelf. Incompetente mensen vergissen zich dus doordat ze zichzelf te hoog inschatten, terwijl competente mensen zich vergissen doordat ze anderen te hoog inschatten.

Fact-checking? Helpt dat?
De vraag is, of mensen iets willen weten. De wetenschap zoekt met de ratio, maar zit je op het terrein van de morele overtuiging, dan geldt niet de ratio, maar de buik (onderbuikgevoelens). 
Bovendien lopen fact checkers door de snelle verspreiding van fake news via social media vaak achter de feiten aan en is het kwaad al geschied. In plaats van 'debunking' van valse informatie, is het beter zich te richten op 'prebunking', dat is het alert maken van mensen op signalen dat zij mogelijk gemanipuleerd worden
Worden we gemanipuleerd, of niet? Onderzoek de feiten vóór- of achteraf. 
We hebben het - aldus de sprekers - nu wel speciaal over kennisverspreiding in crisistijd: er zijn nu grote acute problemen. Zijn die er niet direct, dan kan er rustig gewerkt worden. Dat is ook noodzakelijk, en dat gebeurt gelukkig ook. Zie bij voorbeeld het werk van Anne-Mieke Vandamme, die interdisciplinair onderzoek doen naar corona bij het Institute of the Future. . 
Logo Institute of the Future, Universiteit Leuven; werkt inter-disciplinair.
Verhaeghe haalt als voorbeeld van wat je wilt geloven het verschil aan tussen aanhangers van het creationisme en van de evolutietheorie. In Amerika hebben de creationisten erg veel aanhang. Het is hier de vraag, aan wie de mensen hun vertrouwen geven. Wie het vertrouwen krijgt, die krijgt ook zeggenschap. Hij wordt aanvaard als autoriteit. Autoriteit is het aanvaarden van een externe bron. 
Met andere woorden: men moet in wetenschap geloven. 
Er zijn in Amerika ook verscheidene musea die het creationisme promoten, zoals dit, van Answers in Genesis).
Voor wat betreft de betrouwbaarheid van de wetenschap: in de natuurwetenschappen geldt, dat er replicatie-onderzoek moet worden gedaan: dit is onderzoek waarin onafhankelijke wetenschappers het oorspronkelijke onderzoek herhalen. Bij de geesteswetenschappen is dit niet mogelijk. Doel van de reproduceerbaarheid is, dat de bevindingen als geldig kunnen worden aangenomen, als diverse wetenschappers tot dezelfde conclusies komen. 

De media spelen echter ook een grote rol. In Duitsland is het boek Corona-hoax een groot succes.
Corona, Vals Alarm? 
In Duitsland zeer populair boek, waarin beweerd wordt dat de coronacrisis een hoax is. 
De medische verklaringen in het boek zijn naar de mening van gespecialiseerde wetenschappers tendentieus of niet verifieerbaar. 
Verhaeghe pleit, dat de media zo'n grote rol spelen bij het uitoefenen van gezag. Vroeger lag dit bij de religie, en bij de overheid. 
Maar zowel overheid als religie liggen tegenwoordig onder vuur. Je kunt de ene keer een artikel lezen over kernenergie waarin een voorstander aan het woord is, de andere keer een tegenstander. Wat moet je ervan geloven?
Eigenlijk zondigen wetenschappers nogal eens tegen de consensus. Er is heus vaak grote overeenstemming, Maar er doet zich iets anders voor: wetenschappers vervullen diverse rollen. Een wetenschapper die ook publieksfiguur is, leeft en werkt volgens andere wetten. Hij moet kijkers lokken, en is gebaat bij controverses. Bij controverses wordt niet de consensus verkondigd zoals die gevonden is in een vakgebied. 

Wenmackers benadrukt trouwens,  dat de herhaalbaarheid van de natuurwetenschappen vaak een mythe is. Men 'vond' wat men graag wilde vinden, er was vooringenomenheid. Wanneer dat werd hersteld, 'vond' men vaak weer wat er tegengesteld aan was, enzovoorts. Zo blijft het wetenschappelijk proces een zoeken. 
Verhaeghe noemt als voorbeeld de tabakslobby: die hebben ook wetenschappers, die weten te bewijzen dat roken helemaal niet zo slecht is. 
De tabakslobby weet altijd wel te weerleggen dat roken dodelijk is. 
Zo berust de nieuwe autoriteit (na geloof en overheid) weliswaar bij de wetenschap, maar die is omgeven met heel veel twijfel. Helaas roept dat dan vaak theorieën op die niet zo ethisch zijn. 
Om al te veel twijfel te voorkomen, is het nodig, dat de verschillende meningen vooralsnog binnenskamers blijven, zodat de consensus kan plaats vinden. Er moeten geen tegenstrijdigheden naar buiten worden gebracht.

Keuzes die gemaakt moeten worden geschieden vanuit de politiek. Daarvoor is veel expertise nodig, tegenwoordig bij de huidige pandemie ontbreekt daar veelal de gedragswetenschap in.
Nogmaals wordt er een verschil gemaakt tussen wetenschappers als opiniemakers, en degenen die advies verstrekken (naast de wetenschappers pur sang). De adviesverstrekkers hebben als expert een aparte rol, het panel noemt de Wetenschappelijke Raad in Nederland. Politici vertalen die adviezen in beleid. 
Logo Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. 
Overigens mag niet worden vergeten, dat er heel veel nieuw en onbekend is in deze crisis. Experts hebben zelf ook veel moeten leren. 
Maar bij zo veel onzekerheid zijn er zeker ook kapers op de kust, die de onzekerheid vergroten. Een moeilijke dynamiek wordt zo uitvergroot. 
Kritiek op klimaatontkenning door Banksy
In dit verband noemt Verhaeghe de klimaatcrisis. Helaas dringt kennis daaromtrent niet door tot het beleid van de politiek, noch (voldoende) in het gedrag van individuen. Op wetenschappelijk terrein is er hier wél consensus, maar helaas is de autoriteit van de wetenschap hier onvoldoende. 
De wetenschap, stelt Verhaeghe, wordt actief tegengewerkt door zogenáámde experts. Zij maken geen deel uit van het 'echte consensus-wetenschappelijk circuit', het zijn opzettelijke stoorzenders. Wie zijn dat? Wetenschappers uit een niet relevant vakgebied, die met het predikaat 'wetenschappelijk verleid zijn om tegengestelde informatie uit te zenden. Verhaeghe noemt ze 'acteurs': voorbeeld weer de tabakslobby. Maar ze zitten ook bij de klimaatcrisis. Het panel noemt Marijn Poels,
 Documentairemaker Marijn Poels gaat er prat op een linkse activist te zijn maar is nu de held van klimaatsceptisch Nederland. In de docu The Uncertainty Has Settled stelt Poels ons vrije denken over klimaat en energie ter discussie.
Jean-Pascal van Ypersele en Greta Thunberg bij de COP24 in Katowice in 2018.
Van Ypersele natuurlijk wel klimaatactief. 
Soms is het ronduit gevaarlijk opportunisten het woord te geven. In het geval van klimaatcrisis is er eenvoudig al consensus onder wetenschappers, 'polderen' is niet mogelijk met tegenstanders. (Het panel gebruikt het woord corporatisme, in plaats van polderen). NB: er is een consensus van meer dan 90 % over de feiten van klimaatverandering!
Praten met malafide tegenstanders voelt aan, alsof je iemand op hetzelfde niveau plaatst, en die plaats komt hem niet toe. Er is eenvoudig geen gelijkwaardigheid. 

Zo hebben we achtereen gezien: wetenschap, twijfel, consensus, peer review en empirisch onderzoek. 
Maar mensen zijn bespeelbaar, en worden soms in hun identiteit aangevallen. 
Hoe kan het vertrouwen worden hersteld?

Door openheid, en door rolmodellen: vertrouwenwekkende publieke figuren om je mee te identificeren. Niet door zich als onfeilbaar te presenteren, dat werkt averechts. 
Het onderwijs kan worden ingezet, met een nieuwe rol. De oude rol was: kennis verspreiden, de nieuwe: het leren evalueren van kennis, en bronnen van kennis. 
Expeditie Moendoes is een spannend spel met opdrachtkaartjes, waarin leerlingen een onbekende planeet in kaart brengen. Ze moeten daarvoor informatie verzamelen, gegevens uitwisselen en conclusies publiceren: kortom, te werk gaan als een team wetenschappers.
Wenmackers noemt in dit verband het spel Expeditie Moendoes, een spel voor scholieren om te leren opereren als wetenschappers. 
Verhaeghe noemt het Gents Universiteitsmuseum, voor Kunst, Wetenschap en Twijfel. 
GUM voor Kunst, Wetenschap en Twijfel. 
Het msueum laat zien, hoe wetenschap evolueert met vallen en opstaan.