dinsdag 14 juli 2026

Hannah Arendt, 1906-1975

Hannah Arendt, 1906-1975
De foto is van 1933.
Hannah in 1958
Er kwamen mij de laatste tijd een aantal werken van/over Hannah Arendt onder ogen. Ongetwijfeld heeft dat met haar sterfdatum te maken, 4 december 1975. Al weer 50 jaar dood!
Ik wil nu proberen een blog te wijden aan wat ik gezien en gelezen heb. Meer dan een globale indruk kan ik niet geven, haar boek en essays vragen grondige studie. 
 
Ik begin met de documentaire die op TV5Monde werd uitgezonden, onder de titel La Liberté d'être libre. 
Documentaire:
HANNAH ARENDT: LA LIBERTE D'ETRE LIBRE
Regie Laurent Bergers, Frankrijk, 2023.
De documentaire geeft een levensoverzicht van Hannah Arendt. Ze is van Joodse afkomst, en heeft Hitler-Duitsland ontvlucht naar Parijs. Maar daar kwamen de Duitsers ook aan de macht, ze werd geïnterneerd in Gurs. 
Gurs, ca. 1939.
Gurs was een interneringskamp in het zuiden va Frankrijk, waar Frankrijk Spaanse vluchtelingen na de coup van Franco opving. Tijdens de Duitse overheersing in Frankrijk werden daar ook uit Duitsland gevluchte Joden geïnterneerd, omdat die als staatsgevaarlijk werden gezien. Hannah wist daar als een van de weinigen te ontsnappen, en hervond als een wonder haar (tweede) man. Ze emigreerden naar Amerika. 

De titel La liberté d'être libre komt  overeen met die van een essay van haar, dat ik aantrof in het boek met de titel: Denken zonder leuning.  
Verschillende essays van Arendt, uitgave 2018 (2023)
Hierin staan verschillende essays, ik zal verderop ingaan op één daarvan, De grote traditie, van 1953. 
Ik wil hier iets zeggen over de titel: Als motto kreeg dit boek een citaat mee van Arendt zelf, ik citeer:

"Daar is dat andere, dat Draenos (historicus en politiek analist, AdW) ter sprake bracht [....] 'grondeloos denken.'  Ik heb een metafoor die niet helemaal zo wreed is en die ik nooit heb gepubliceerd, maar voor mezelf heb gehouden. Ik noem het denken zonder leuning - in het Duits Denken ohne Geländer. Dat wil zeggen, als je de trap op en af loopt kun je je altijd aan de leuning vasthouden, zodat je niet valt, maar we zijn die leuning kwijtgeraakt. Zo vertel ik het mijzelf. En dat is inderdaad wat ik probeer te doen.'

Humanistisch verbond Paul van Aelst: 

Voor Arendt stond politiek denken [immers] gelijk aan vrij denken, zonder enige religieuze, morele of historische grondregel.

Ik kreeg de twee boeken en de film van mijn zusje. Met haar ging het gesprek vooral over dat 'denken zonder leuning'. Het komt neer op ''zelfstandig/onafhankelijk denken", zie het citaat hierboven. Intussen stel ik wel vast, dat Arendt zelf zich stevig wortelt in het denken van de grote traditie. Maar dat doet ze dan ook grondig, en geheel op eigen kracht, voor zover ik daar als leek iets over zeggen kan. Mij geeft ze in elk geval verhelderende inzichten, Maar juist in de traditie zie ik dan toch een zekere leuning, en wil ze die ook terug onder de aandacht brengen. 
Ten slotte zij nog vermeld dat Arendt ook is beïnvloed door bij voorbeeld Heidegger, en door Karl Jaspers, twee leermeesters van haar.  
Enfin...

Een tweede boek dat ik ten geschenke kreeg, en hier aan de orde wil stellen, was het boek Eichmann in Jeruzalem. 
 
Boekomslag
Ondertitel: De banaliteit van het kwaad. 
En het vierde item over Arendt is een film met de titel Hannah Arendt.
Regisseur is Margarethe von Trotta, de film is van 2012

De film gaat over 'de Duits-Joodse filosofe Hannah Arendt (die) vlucht naar Amerika tijdens WO-II. Jaren later schrijft zij artikelen voor 'The New Yorker'. Ze mag als waarnemer naar het proces van de SS'er Adolf Eichmann in Israël. Acteurs zijn onder anderen: Barbara Sukowa en Janet McTeer.

4 december 2025 was het vijftig jaar geleden dat Arendt stierf, de grote aandacht voor haar en haar werk heeft daar ongetwijfeld mee te maken. 


Terug naar Eichmann: 
Ik herinner me de rechtstreekse verslagen van het Eichmann-proces uit mijn jeugd. Niet, dat ik er iets van begreep, dat kan ook niet. In 1959 overleed mijn vader, ik was toen elf. Te jong, en ik had wel wat anders aan mijn hoofd dan gebeurtenissen ver weg. 
Toch is dat beeld van Eichmann in zijn glazen kooi me wel bijgebleven. Ongetwijfeld kwamen ze ook weer terug bij de bekende tv-serie van Lou de Jong, De Bezetting, uitgezonden van 1960 tot 1965. Eigenlijk gelijktijdig dus, maar ik keek daar wél naar (met het hele gezin, thuis vroeger). 
Biografie Jou de Jong 1914-2005
door Boudewijn Smits. 
Hannah Arendts naam waart al heen lang door de geschiedenis, en dus door mijn leven heen. De uitdrukking 'de banaliteit van het kwaad' is overbekend, en kwam mee met de publicatie van dit boek over Eichmann. 
Wat me zeer trof in dit boek, was hoe goed Arendt op de hoogte was van de geschiedenis. Heel precies en relevant, prachtig! Bij voorbeeld wist ze nauwkeurig hoe de interne structuur van het naziregime in elkaar zat.  Die was ingewikkeld, maar het kwam van pas om te weten wie aan wie verantwoording schuldig was. Het liet ook zien hoe gevoelig Eichmann voor autoriteit was, het was wat hem leidde in zijn leven. 

Dan nu over één enkel essay uit Denken zonder leuning:

De grote traditie 1953
Arendt schetst de geschiedenis van de politieke filosofie sinds Plato, Heraclites en Aristoteles. Plato zag drie vormen van politiek bedrijven: de monarchie, de autocratie en de democratie. Dat waren de goede vormen, die konden worden geperverteerd, in respectievelijk de tirannie, de oligarchie en de ochlocratie.  De wetten kwamen tot stand binnen de polis (stadstaat) en waren bedoeld om de mensen te beschermen, zoals de muren om een stad heen de stad beschermden. Bedreiging kon vooral komen door nieuwgeborenen, want nieuw leven brengt verandering met zich mee. En het idee was dat er soliditeit moest zijn, het leven zoals het was, goed, moest gehandhaafd kunnen blijven. Er waren natuurwetten, en menselijke wetten. Natuurwetten zijn onveranderlijk en universeel. Later werden ze toegeschreven aan God. 
Er was een constellatie van heersers en overheersten. Vrouwen, slaven en barbaren werden altijd overheerst. 
Ik maak een sprong in de tijd: Montesquieue deelde de macht op in drie eenheden: de wetgevende macht, de uitvoerende macht, en de rechtspraak. Die opereren onafhankelijk van elkaar. 
In de 19e eeuw was een belangrijke verandering dat natuurwetten niet meer golden als 'eeuwig', maar zelf ook in beweging waren. Denk aan Darwin en Hegel, Hegel werd de Darwin van de politicologie genoemd. 

Ik laat het hierbij, me bewust van het feit dat ik niet de hele gedachtegang heb neergezet. Politiek filosofie is niet mijn specialisme, zie mijn eerdere verslag  van de cursus Politiek Filosofie, die ik bij de Vrije Academnie volgde, en waarvan Deze link uit 2020  verslag doet van één van de plusminus zeven cursusochtenden. 
Uiteraard komt Arendt met haar geschiedenisoverzicht uit bij Hitler en bij Marx, die allebei tirannen waren voor wie geen enkele wet meer gold. Of beter: die binnen hun ideologieën elk hun eigen wetten van volstrekte willekeur schiepen. Geen vrijheid, niks samen over het leven beslissen, noch enige rechtvaardigheid meer. 

Hoe dan ook ontstond met het totalitarisme - zowel het nazisme als het bolsjewisme -  een breuk met de traditie: wetten golden niet meer, gewone mensen werd alle rechten ontnomen, de heerser regeerde naar willekeur. Om ons duidelijk te maken weat er precies mis ging moeten we het verleden goed bekijken, om het heden te kunnen verhelderen.  De essentie van het politieke acht Arendt: het vermogen om samen te komen en het publieke leven te delen. Hoe moet dat in onze tijd?
"Voordat je het ondenkbare met mensen kunt doen, moet je hen overtollig/overbodig maken."

zondag 5 juli 2026

All that's left of you, Cherien Dabis, 2025.

Filmposter
Ik ben te moe om een blog te schrijven. Maar deze film verdient het om in mijn geheugen te blijven. Daarom kopieer ik hier de vertaling van Roger Ebert, een vertrouwde recensie-site. Zoals meestal, doet deze recensie alle recht aan de film en kan ik mijn eigen gevoelens over de film erin teruglezen. Zie: https://www.rogerebert.com/reviews/all-thats-left-of-you-movie-review-2026.

"Het is een onbeschrijflijke sensatie om een ​​regisseur een nieuw technisch en narratief niveau te zien bereiken. Schrijfster/regisseuse Cherien Dabis werkt aan haar derde speelfilm. Haar debuut, " Amreeka", dat in 2009 in première ging op Sundance, gaat over een Palestijns gezin uit de Westelijke Jordaanoever dat te maken krijgt met islamofobie in hun nieuwe omgeving in Chicago. Vijf jaar later regisseerde ze "May in the Summer", een tragikomische film over een vrouw die voor haar bruiloft terugkeert naar Jordanië, maar daar haar eigen verlangens in twijfel trekt. Beide films zijn ingetogen en intiem, maar tegelijkertijd vol intense emotie.

Maar haar nieuwste film, "All That's Left of You", geproduceerd door Javier Bardem en Mark Ruffalo, een Palestijns epos over meerdere generaties, is het soort volwaardige, onberispelijk gemaakte film dat laat zien dat de regisseur veel heeft geleerd en klaar is om nog meer te bereiken. Het is tevens de Jordaanse inzending voor de Academy Awards in de categorie Beste Internationale Film, waarvoor de film op de shortlist staat.

Dabis' film is een niet-lineair wonder en begint met een beklijvende scène: twee tieners, Noor (Muhammad Abed Elrahman) en Malek (Rida Suleiman), rennen over daken van golfplaten en door smalle straatjes, en schetsen de fragiele geografie van hun afgesloten hoekje van de bezette Westelijke Jordaanoever. Noor rent zijn huis binnen en haalt zijn moeder Hanan (Dabis) nog net in voordat hij vertrekt naar een anti-Israëlische demonstratie. Tijdens de demonstratie klinken er schoten; Noor duikt weg.
  
Rechts Noor, links Malek, in de openingsscene van de film. 'In media res', midden het epische verhaal begint de film. We gaan hierna terug in de tijd, zien dan wat in dit midden gebeurt, en ten slotte beleven we de nasleep. Een aantal generaties beslaat het verhaal. 
De regisseur schakelt dan over naar een oudere versie van haar personage. In een doorbreking van de vierde muur legt Hanan uit: "Ik weet dat jullie je afvragen waarom we hier zijn... Maar om het te begrijpen, moet ik jullie vertellen wat er met zijn grootvader is gebeurd."
Die twee aangrijpende scènes, beide opvallend meeslepend in hun openhartigheid, illustreren het gemak waarmee Dabis en haar editor Tina Baz tussen verschillende tijdperken schakelen. Hun film speelt zich af in vier verschillende decennia. Het eerste is in 1948 in Jaffa. De jonge Salim (Salah Aldeen Mai) kijkt op naar zijn vader Sharif (Adam Bakri), die sinaasappelplantages bezit en hem een ​​romantisch gedicht leert:

"Ik ben de zee / In mijn diepten wonen alle schatten / Hebben ze de duikers naar mijn parels gevraagd?"
De jonge Salim met zijn vader.
Hun idyllische bestaan ​​wordt verstoord tijdens de Palestijnse Oorlog, die uitmondt in de Nakba (de etnische verdrijving van het land om de staat Israël te vormen). Salim en zijn familie vluchten vervolgens naar een vluchtelingenkamp, ​​terwijl Sharif, de vader, besluit te blijven en hun huis te verdedigen. Hij wordt gedwongen tot dwangarbeid. In 1978 kijken de volwassen Salim (Saleh Bakri) en de bejaarde Sharif (de inmiddels overleden Mohammad Bakri) vol vreugde toe hoe Salims zus Layla (Hayat Abu Samra) trouwt; zij zal uiteindelijk naar Toronto verhuizen. Salim, een leraar, heeft een eigen gezin, waaronder zijn jonge zoon Noor (Sanad Alkabarete), die zijn vertrouwen in Salim verliest wanneer Israëlische soldaten hem dwingen Noors moeder te vernederen.
 
Onderweg hier vindt die afschuwelijke vernedering plaats. Salim 'verraadt' zijn vrouw, uit lijfsbehoud. Dat zal zijn zoon hem nooit vergeven. 
In 1988 vindt de Eerste Infitada plaats en Noor wil deel uitmaken van de opstand.

In elk deel plant Dabis haar thema's op organische wijze. Er is de hulpeloosheid die vaderfiguren voelen, die deels wordt versterkt door de manier waarop de oudere Barki en zijn zonen worden neergezet en door de verschillende voorbeelden van ontmenselijking die het Israëlische leger (IDF) deze Palestijnse mannen aandoet. Het komt ook tot uiting in de taal zelf. Terugkerend naar het eerdergenoemde gedicht "Ik ben de zee" van de Egyptische dichter Muhammad Hafiz Ibrahim, gebruikt Dabis versvorm om de schoonheid van de Arabische taal over te brengen. De Israëlische bezettingsmacht neemt echter nooit de moeite om Arabisch te leren. De ondertitels in elk decennium vermelden zelfs dat het IDF gebrekkig Arabisch spreekt. Dabis verweeft deze voorbeelden van vernedering op slimme wijze met de verschillende vormen van geweld die op elk niveau van het Israëlische bezettingsapparaat worden uitgeoefend. Sommige vormen van geweld zijn fysiek – zoals arrestaties, gevangenisstraf en dood – andere psychologisch en weer andere bureaucratisch. Deze laatste barrière, die evenzeer weerklank vindt in " De stem van Hind Rijab ", ontstaat wanneer een onuitsprekelijke tragedie dit geteisterde gezin treft.

Naast de narratieve kwaliteiten van de film is ook de bijna perfecte uitvoering opvallend. Dabis filmt met een breed perspectief. Maar in tegenstelling tot de meeste regisseurs laat ze die kans niet onbenut. Elk beeld is rijk aan informatie en schoonheid, waarbij de informatie binnenkomt via televisies in huizen die de Libanese burgeroorlog, de repressie door het Israëlische leger en de Palestijnse opstanden uitzenden. De pracht daarentegen komt voort uit Dabis en haar cameraman Christopher Aoun's klassieke kadrering, scherpe scherptediepte en het vermogen om beelden vast te leggen die zowel verwondering als somberheid oproepen, zoals paarsgetinte silhouetten van Palestijnen die met houwelen zwaaien, een drone-opname die de harmonie tussen de Middellandse Zee en de skyline van Jaffa laat zien, en levendige familiebijeenkomsten die balanceren tussen feestelijk en treurig.

Wat betreft het getoonde verdriet, begrijpt Dabis, zelf ook actrice, de vaak geciteerde gedachte van Cassavetes: "De mooiste plek ter wereld is het menselijk gezicht." Ze heeft een uitzonderlijke cast samengesteld. De oudere Bakri draagt ​​decennia van woede en pijn op zijn doorleefde gelaat; Saleh wekt verdriet op door zijn kwetsbare, zoekende ogen en gebogen houding; Dabis, als Hanan, straalt warmte en goedheid uit, een trouw die in deze wereld misschien abstract aanvoelt, maar daarom niet minder belangrijk is.
Bovenal weet ze via deze performances een soort symboliek over te brengen – het hart als een fysiek en metaforisch orgaan dat talen, ervaringen en hoop verbindt – die kleverig zou klinken als je het hardop zou proberen uit te leggen. Maar dat is hier niet het geval. Het verlangen is verdiend. Zelfs wanneer het beeld op instorten lijkt te staan, zoals een sentimentele zonsondergang tussen Hanan en Salim in het jaar 2022, blijven we trouw aan de zuiverheid van Dabis' intentie. We koesteren de elementen die samen het menselijke geheel van "All That's Left of You" vormen."

Tot zover Rogerebert.

Wat ik zelf zo mooi vond, is dat ik me zo goed kon inleven, en onder de indruk was van de culturele achtergrond van de familie; hun kracht, hoge moraliteit. Bij alle bombardementen en vernederingen en intifada's enzovoorts, zou je vergeten dat er voor 1948 mensen woonden die ook een hele cultuur droegen. De trots op de sinaasappelboomgaard, maar ook het prachtige gedicht dat de vader aan zijn zoon leert. 

Het hielp mij dat de moeder niet gesluierd was, ik weet niet of mij dat mij anders misschien belemmerd zou hebben me zo goed in te leven. Hoe dan ook speelt de moeder een belangrijke rol, al blijft zij haar man gehoorzamen, ze beïnvloedt hem wél. 
Het leven van die mensen deed me denken aan het Joodse leven vóór de Tweede Wereldoorlog, dat me ook altijd zo trof door een hoog cultureel en kunstzinnig, verfijnd gehalte. Ook hier wordt dat alles met voeten getreden.
Trailer
Cherien Dabis, regisseur en actrice. Geboren 1976.
En, om de schoonheid, nog maar eens: 

"Ik ben de zee. In mijn diepten bevinden zich alle schatten.
Hebben ze de duikers al naar mijn parels gevraagd?"

Hafez Ibrahim

De Zwevende wereld, Annejet van der Zijl, 2025.

Boekomslag
Ondertitel: 'De verbonden levens van Franz von Siebold en Kusumoto Ine';
Uitgave van 2025. 
Geweldig boek, ik heb het ademloos uitgelezen. Kreeg het te leen van Monique, dat was een cadeautje!
Treffende dingen over Japan gelezen, vooral geboeid door het oudste gedeelte, toen Von Siebold zich in Japan vestigde en op de daar heersende moraal stuitte: het was hem verboden geografische kaarten te maken van Japan, laat staan ze te verspreiden. Het leidde tot zijn verbanning., en daarmee tot het verlies van zijn vrouw en dochtertje. 

De titel boeide me ook, en ik kon hem niet direct plaatsen. Bij teruglezen staat de titel uitgelegd in hoofdstuk 13, 'De zwevende wereld':  Porselein dat van Japan naar Europa werd gestuurd, was verpakt in papier met de prachtigste afbeeldingen van bloemen, vogels en vissen. Het bood de westerse kunstenaars van die tijd een totaal andere manier van kunst bedrijven: asymmetrie, en het veelvuldig gebruik van 'negative space'. Van der Zijl vertelt dat dit de speelse ukiyo-e heet: de 'beelden van de zwevende (of vlietende) wereld'. In de verklarende woordenlijst achterin staat er dan nog bij, dat de prenten ook verwijzen  naar prenten van de vergankelijke 'wereld van vertier' zoals de plezierwijken, mooie vrouwen, acteurs, legendarische helden en beroemde plaatsen. 
Zo staat de titel voor de grote invloed van Japan op onze cultuur. Want alle groten van die tijd werden gegrepen door de schoonheid van die kunst, en verwerkten die in hun eigen werk. Denk aan Manet en aan Van Gogh.

De titel kan ook gezien worden als meer in het bijzonder de inwerking van van Japan op de levens van de hoofdpersonen. 

Franz von Siebold was als mens een moeilijk figuur, door zijn gedram en ondiplomatieke gedrag vervreemdde hij de Nederlandse en Japanse overheid van zich, en kreeg geen voet meer aan de grond. 
Desalniettemin heeft hij grote historische waarde door de kunstschatten die hij verzamelde, en de stekjes en bomen en de schat aan herbarische informatie die hij overbracht naar Nederland. In Leiden is het Japanmuseum Sieboldhuis, een ander deel van zijn verzamelde kunstschatten is te zien in het Wereldmuseum te Leiden.  
Gevestigd aan het Rapenburg; Von Siebold heeft hier ook ooit gewoond. 
Franz von Siebold, 1796-1866
In zijn gelukkigste periode in Japan gaf hij les in de westerse geneeskunde aan de Japanners. Hij was arts en was gespecialiseerd in oogheelkunde. Hij kreeg van de gouverneur-generaal de opdracht mee een natuurhistorische verzameling aan te leggen.

Aankomst van een Nederlands schip op 1 augustus 1827. Van links naar rechts: Chitose, de zus van Sonogi O-Taki, die op het eiland samenwoonde met Heinrich Bürger, assistent en later opvolger van Von Siebold; Bürger kijkt door de telescoop; naast hem in het witte pak Von Siebold; Orson, vaak de Javaanse bediende genoemd maar feitelijk een slaaf van Von Siebold; helemaal rechts Sonogi O-Taki, de vrouw/geliefde van Von Siebold met haar dochter Ine op haar rug. Prent van Keiga Kawahara.

Zoals in de ondertitel staat, gaat het boek tevens over de dochter van Von Siebold, Ine Kusumoto (1827-1903), die de eerste vrouwelijke Japanse arts en zelfs lijfarts van de keizerin zou worden. Siebolds vrouw en dochter konden hem niet vergezellen op zijn reis terug naar Europa en bleven achter in Japan.
Ine Kusumoto
Van der Zijl gaat ook nog in op het dubbele karakter van de Japanners. Bron is het boek van R. Benedict, The Chrysanthemum and the Sword, patterns of japanese culture, 1946.
Boekomslag
Benedict is een sociologe, en ze schreef dit boek in 1946, op aanvraag van de Amerikaanse regering. De Japanse cultuur werd op afstand geanalyseerd, op grond van krante-artikelen e.d. De Amerikanen wilden meer inzicht hebben in de Japanse volksaard. Er werden bepaalde tegenstrijdigheden geconstateerd in de Japanse volksaard - of cultuur. Uiteindelijk populariseerde deze studie het onderscheid tussen schuld- en schaamtecultuur. Het boek kreeg felle kritiek, maar is toch invloedrijk gebleven.
Enkele ideeën hieruit: De Japanners zouden "zowel agressief als niet-agressief zijn, zowel militaristisch als esthetisch, zowel onbeschaamd als beleefd, star als flexibel, onderdanig als verbitterd omdat ze onder druk gezet worden, loyaal als verraderlijk, dapper als timide, conservatief als open voor nieuwe ideeën...."
Van verschillende kanten is deze visie wel genuanceerd. 

Van groot belang vind ik het boek Nippon, van Philipp Franz von Siebold.
Nippon is de Japanse naam voor Japan. Betekenis: Oorsprong van de zon

Ik geef hier de duidelijke samenvatting van de uitgever:

'Meer dan twee eeuwen lang was Japan nagenoeg volledig afgesloten voor het Westen. Alleen de Nederlanders hadden via hun handelspost op Deshima, een kunstmatig eilandje bij Nagasaki, toegang tot het mysterieuze land. Pas in 1823, met de aankomst van de ambitieuze arts Philipp Franz von Siebold, zou daar verandering in komen.
In opdracht van koning Willem I en samen met vermaarde Japanse kunstenaars als Keiga en Hokusai verzamelde Siebold zo veel mogelijk informatie over het land, de cultuur en de natuur. In 1826 nam hij bovendien deel aan de uitzonderlijke hofreis naar Edo, een tocht van 2500 kilometer door Japan. Na zijn gedwongen terugkeer naar Europa verzette hij hemel en aarde om alle kennis samen te brengen in één monumentaal werk: Nippon.
Deze unieke heruitgave in één band bevat alle originele platen met fascinerende afbeeldingen van de oude rituelen, krijgskunst, hofcultuur, klederdracht, landschappen en nog veel meer. Japan-deskundigen Kuniko Forrer en Matthi Forrer geven historische duiding en voorzien alle illustraties van uitgebreide commentaar. Annejet van der Zijl verzorgt de inleiding.
Dit hernieuwde Nippon doet zo wat Siebold ambieerde: de lezer introduceren tot het land van de shogun, en verwondering wekken over de bijzondere schoonheid van Japan.
'Dit zeldzame topstuk krijgt nu eindelijk het mooie tweede leven dat het verdient.'


0=0=0=0=0=0=0=0=0=0=0=0=0

Het lag natuurlijk voor de hand, dat wij het Japan-museum in Leiden bezochten. Onze zoon bracht ons erheen, op een zaterdag. Dat maakte het voor ons moeilijk toegankelijk, het was erg druk, moeilijk ons een weg te banen tussen de mensen. Bovendien waren er in dat oude pand, ook op- en afstapjes. Lastig als je slecht te been bent.
Desondanks hebben we mooie prenten kunnen bewonderen. Deze kunst is bij ons helemaal niet bekend, maar maakte zeker indruk.
 Japanse houtsnede, "Komagata Embankment" (Komagatagashi)
 Kawase Hasui in 1919.
 Houtsnede getiteld "Evening at Itako" (Avond bij Itako)
 Hasui Kawase.
 Houtsnede Zonsondergang: opmars van de cavalerie in Mantsjoerije,
 Kawase Hasui uit 1937.
Het kunstwerk toont silhouetten van ruiters op paarden tegen een feloranje lucht.
Deze specifieke prent is zeldzaam omdat het een van de weinige "oorlogsprenten" (senso-e) is die Hasui heeft ontworpen.
Namari hot spring, Iwate Prefecture (鉛温泉, 1943) 
 Hasui Kawase.
Japanse houtsnede  "Bewolkte dag bij Mizuki in Ibaraki" 
Mizuki no kumoribi, Ibaraki-ken

vrijdag 3 juli 2026

Illusies, Ingeborg Bosch, 2015 (2003)

Ondertitel: Over bevrijding uit de doolhof van destructieve emoties.
Maakt deel uit van de therapievorm Past Reality Integration, PRI
Zie de website:  www.PRIonline.nl
Boekomslag
De schrijfster, Ingeborg Bosch
Ik heb het boek met belangstelling gelezen, er stonden waardevolle dingen in. 
Toch heb ik ht op een gegeven moment weggelegd, het verwarde me te veel. Ik ging mijn eigen gevoelens heel erg wantrouwen. 'Was het nu afweer, of wat?' 'Moest ik hiermee iets 'doen'?' 
Waardevol waren de inzichten van primaire afweer, valse hoop, valse macht, ontkenning van behoeften en angst. Bij primaire afweer bij voorbeeld het cirkeltje van denken: 'Ik ben niet okay, niet de moeite waard, onbelangrijk, een trut, ik kan het niet...' - Bij valse hoop: 'Als ik nu maar altijd mijn best doe, als ik nu maar steeds de harmonie zoek,' enzovoorts. Bij valse macht: Denken dat je met een woede-uitval je zin wel zult krijgen en jezelf daarmee rechtvaardigenm bij voorbeeld. 

Dit boek Illusies in niet het eerste van Bosch; ze begon met De herontdekking van het ware zelf. Een zoektocht naar emotionele harmonie. 

Er is veel kritiek op Bosch en op haar methode, zie de website Skepsis en tijdschrift De Psycholoog.
Voor mij neemt dat niet weg dat er ook gunstige resultaten behaald kunnen worden met deze methode, het gaat mij er hier niet om de methode te veroordelen. Eerder zocht ik overeenkomsten met mijn persoonlijke ervaring met het leven met pijn / trauma uit het verleden. Wat mij persoonlijk opviel, is dat geleden pijn, een tekort in je jeugd, niet geheeld kan worden. Je kunt het als zodanig herkennen, en het als pijn in je leven integreren. 

Ik vermeld hier nog dat de Volkskrant in mei 2019 over PRI schreef. Veel geïnterviewden waren enthousisast, maar er was ook veel kritiek: de opleiding was peperduur, bovendien niet wetenschappelijk onderbouwd, en de hele instituut PRi onder leiding van Ingeborg Bosch deed aan als een sekte.   
Korte uitleg van de therapeut-schrijfster zelf. 

woensdag 1 juli 2026

Normale mensen, Sally Rooney, 2019.

 Uit het Engels vertaald: Normal People, 2018. 

Boekomslag.
Het verhaal speelt zich af in Ierland.
Dit boek stemde mij verdrietig.  Twee mensen die duidelijk bij elkaar horen, en toch niet hun liefde als zodanig erkennen. Om de een of andere reden nodigt Connell zijn meisje - er mag niet van een relatie gesproken worden, maar wat is het dan wel, als je met elkaar naar bed gaat? - niet uit om met hem naar het slotfeest van school te gaan. Het voelt als verraad. 
Er volgt dan een aaneenschakeling van allerhande relaties met anderen, van allebei. Die zijn vluchtig, minder vluchtig, maar allemaal met veel seks. En belangrijk daarbij is wat andere vrienden en vrienden daarvan vinden, of erover opgeschept wordt, en of je al dan niet populair bent. Op de achtergrond voel je ook steeds milieuverschillen. Connell komt uit een lager milieu, zijn moeder Lorraine is huishoudster bij de familie van Marianne. (Marianne is altijd welkom bij Connell thuis; bij Denise, Mariannes moeder, zijn ze nooit.)
Connell en Marianne blijven elkaar opzoeken, leggen het weer bij. De aantrekkingskracht blijft ook bestaan. Desondanks houden ze vast aan allebei aan steeds andere vriendjes en vriendinnetjes. Het bevreemdt, tegelijk denk ik dat het zo kan gaan, als je jong bent. Je zoekt je weg in het leven, soms met omwegen. 
Ze vervolgen hun opleiding, allebei naar de universiteit, en ze maken reizen naar het buitenland. Een beetje los zand vind ik het wel, het blijft draaien om de relaties met elkaar en met anderen. En wat het krijgen van een beurs betekent: voor de een iets heel anders dan voor de ander. Weer een teken van het milieuverschil. 
Marianne bindt zich aan een jongeman die haar slaat en vernedert, dat is haar eigen wens. Nog weer later volgt een sessie met een bevriende fotograaf die hetzelfde doet, haar vastbinden en vernederen. Dan komt voor de lezer aan het licht dat ze misbruikt is in dat gegoede milieu van haar. Een verwaarlozende moeder en een gewelddadige broer - ook dit stemde mij zeer verdrietig. Het lijkt erop of ze zich intussen uithongert. Als er weer een toenadering is tussen haar en Connell, en zij hem vraagt of hij haar ook wil slaan, weigert hij dat. Zo bevrijdt hij haar, kun je misschien zeggen. 

Waarom het boek 'normale mensen' heet, vind ik moeilijk te zeggen. Er wordt erg veel gekeken naar de onderlinge waarderingen van elkaar. Is 'normaal' wat je vrienden van jou en van elkaar vinden? Of moeten we, met de schrijfster, toch kijken naar wat zich onder de oppervlakte bevindt? Is 'normaal' ironisch bedoeld? 
Schrijfster Sally Rooney, geboren 1991.
Er is een Ierse miniserie gemaakt naar het boek, te zien op NPO-Start. 

vrijdag 12 december 2025

Cold Pursuit, Hans Petter Moland, 2019

Filmposter
Deze film bekeken we intussen al twee maal. Het is een heerlijke wraakfilm, om de een of andere reden doet dat Ton en mij altijd goed. Het kwade wordt voor 100% bestraft, in het werkelijke leven komt dat niet zo vaak voor..... 
Buiten het 'sappige' verhaal zijn er ook prachtige natuurbeelden van bergen in de sneeuw, maar ook de sneeuwschuiver die de hoofdpersoon bedient is nieuw voor onze ogen, en oogstte  kijkplezier. 
De film levert ook een flinke portie zwarte humor, en in dit kader doet dat het ook heel goed. Een voorbeeld daarvan zijn de kruisjes (eventueel andere religieuze symbolen) met namen van de nieuwe dode(n) eronder, die na elke episode verschijnen. Tegen een zwart scherm. 
Een andere poster. De naam van de streek wordt genoemd. Het is in of naast een Indianengebied, Indianen spelen ook een rol. 
Het einde van de man in de auto was, gezien de gerechtvaardigde wraak, extra 'leuk'! 
Liam Neesan speelt de hoofdrol. Hij heeft, naar menselijke maatstaven, alle recht op wraak, omdat de film begint met de moord op zijn zoon. 
Dit is ook zo'n scene waarbij je moet lachen, ondanks het vreselijke van de situatie: vader en moeder (Laura Dern) gaan naar het lijkenhuis. De baar waarop het lijk ligt, wordt met trappen op een pedaal steeds hoger getild. Wij zien niets, alleen de gezichten van de ouders. Opeens komt dan het dode gezicht van de zoon (zie foto) 'oppiepen'. 
Galgenhumor, ja. 
Beide mannen verloren hun zoon aan de maffia. Hun wraak: een zoon voor een zoon. 
Gelukkig blijft de jonge zoon van Nels Coxman (Neesan) in leven. 
Niet alleen de humor houdt de film behapbaar, zie ook de prachtige scene als Coxman voorleest aan de zoon van Viking. Hij leest de gebruikershandleiding van de sneeuwschuiver voor. 
Trailer
Terwijl ik een foto zocht van de regisseur, Hans Petter Moland, ontdekte ik dat Cold Pursuit een remake is van de Noorse film In order of disappearance, 2014) 
De titel lijkt te slaan op de intermitterende terugkeer van de kruisjes van de doden. 
Trailer van de Noorse versie. 
Hans Petter Moland, geboren 1955. 
We vertelden Tons fysiotherapeut van ons vermaak met Cold Pursuit, en deze vriendelijke man wees ons toen op een andere film met Liam Neesan: The Grey. 
Filmposter The Grey
Het was het proberen - en de film zeker het bekijken - waard. Wel miste hij de humor van Cold Pursuit, en dat maakte de gruwelijke scenes moeilijker verteerbaar. 
De plot gaat over een groep mannen die met hun vliegtuig verongelukken, en de een na de ander wordt opgevreten door een meute wolven (The Grey); Neesan als allerlaatste. 

donderdag 11 december 2025

De Idioot, Fjodor Dostojevski, 2022 (1869)

Vertaling Arthur Langeveld, uitgave 2022
Oorspronkelijk: 1868-1869

Dit was zeker geen gemakkelijk boek om te lezen. Eén oorzaak van de moeilijkheden zat in de Russische de namen van de personages. En aangezien aan de namen allerlei verschillende karakters gekoppeld waren, die ook niet allemaal even consistent waren, raakte je al snel het spoor bijster. 

De hoofdpersoon is Lev Nikolájevitsj Mýsjkin  (Lev Nikolájytsj); aristocraat, oftewel vorst Mýsjkin
Hij is de Idioot van de titel. 

De plot van het boek, kort samengevat is: (uit Wikipedia:)

Vorst Mýsjkin keert terug naar Rusland. Hij zoekt de familie Jepántsjin op omdat de vrouw des huizes een ver familielid van hem is. Aglája Ivanovna Jepántsjina is de jongste en mooiste dochter van het gezin. Hoewel ze voortdurend overhoop ligt met haar familie, kan het steeds worden bijgelegd. Daar wordt de vorst diep getroffen door het portret van Nastásja Filíppovna Barjasjkova, een wees die wordt onderhouden door een rijke heer. Ze haalt bedenkelijke lieden over de vloer en heeft een slechte reputatie gekregen. De vorst houdt van beide vrouwen, maar op een verschillende manier. Voor Aglája Ivanovna voelt hij een meer sentimentele liefde, terwijl hij voor Nastásja Filíppovna meer een liefde uit medelijden voelt. Hij is echter niet de enige die zijn oog op hen heeft laten vallen en de vrouwen zijn allesbehalve standvastig in hun besluit met wie ze willen trouwen. Aldus geraakt vorst Mýsjkin in twee complexe driehoeksverhoudingen.

De vorst heeft nog maar pas een aanzienlijke erfenis gekregen of er dient zich een stelletje oplichters aan die op zijn geld uit zijn. Deze toestanden zijn niet bevorderlijk voor zijn gezondheid. Zijn ziekte is aan het terugkeren.

Het dilemma van de driekhoeksverhoudingen met Aglája Ivanovna, evenals Nastásja Filippovna, en de terugkeer van zijn ziekte leidt uiteindelijk tot een meeslepende ontknoping.


Ik ga een beetje naar eigen willekeur door het boek heen, richt me daarbij op de hoofdpersonen: 

Nastásja Filíppovna Barisjkóva, kortweg Nástja, is de ene liefde van de vorst. Zij is een Petersburgse schoonheid, en maintenee van Tótski. Deze Afanasi Ivánovitsj Tótski is grootgrondbezitter. 
Levs liefde voor Nástja komt voort uit barmhartigheid, mededogen. 
Aglája Jepántsjina is de jongste dochter van generaal Jepántsin. Haar oudere zusters heten respectievelijk Aleksándra en Adelaïa; hun moeder is Lísaveta Prokóvjevna Jepántjsina, hun vader heet Ivan Fjódorovitsj Stepántsin; de al genoemde generaal.
Lísaveta is een verre bloedverwant van vorst Mýsjkin, vader Ivan is hooggeplaatst ambtenaar met de titel van civiel generaal en zakenman. 

Maar er zijn veel meer personages. Ik laat ze even voor wat ze zijn. Ze komen straks gaandeweg aan bod. 

Ik heb voor mijn verslag gebruik gemaakt van de site Spark Notes. Ik geef daarvan nu eerst de algemene samenvatting: 
Logo; Studying, simplified. 

De ideale mens

In De Idioot probeert Dostojevski de ideale mens af te schilderen – een 'positief, mooi individu'. Vorst Mýsjkin vertegenwoordigt alle kwaliteiten die Dostojevski als de beste aspecten van een mens beschouwt. Ten eerste is hij openhartig en open; in tegenstelling tot andere leden van de high society, zoals Gánja  (Gavríla Ardaliónovitsj Ivólgin, Gánja, Ganétska, Gájnka) en generaal Jepántsin, verbergt Mýsjkin zijn ware gevoelens niet achter een vernis van vriendelijkheid om iets te winnen of alleen maar de schijn op te houden. De vorst zegt altijd wat hij denkt, ongeacht of het perfect past bij de sociale omgeving. Hij is ook erg zachtmoedig. In tegenstelling tot andere personages: zoals Gánja, die zichzelf en reputatie belangrijker vindt dan wat dan ook in het leven; Nastásja Filíppovna, die meer geeft om haar eigen schande dan om het geluk van Mýsjkin of Aglája; Hyppolíte Teréntjev - jongeman, tbc-patiënt, vriend van Kólja, die de dood niet kan accepteren zonder een gedenkwaardige uitspraak menen te moeten doen. 
Mysjkin nu, denkt helemaal niet aan zichzelf. In tegenstelling tot de andere personages, van wie velen zich constant proberen te laten gelden, is Mýsjkin juist erg altruïstisch. Hij is niet alleen nederig, maar hij is ook erg vrijgevig en medelevend. Maar: deze ogenschijnlijk perfecte eigenschappen van de mens komen in botsing met een corrupte wereld.

De botsing tussen het goede en de echte wereld

Wat gebeurt er als de ideale mens in de echte wereld komt? 
In de visie van Dostojevski brengt de ideale mens niet het goede, maar wordt zijn eigen goedheid omgekeerd en gemanipuleerd, wat leidt tot de vernietiging van zowel zichzelf als zijn ideaal. De wereld waarin vorst Mýsjkin zich begeeft, is er een van morele corruptie en verval, met geld als het belangrijkste onderwerp. In deze wereld maakt geld je niet alleen een beter mens (Gánja gelooft bijvoorbeeld dat het zijn middelmatigheid kan genezen), maar het kan je ook een mooie bruid opleveren (de verschillende mannen boden geld op Nastásja Filíppovna). Niemand beschouwt vorst Mýsjkin als een goede echtgenoot voor Aglája, terwijl bijna iedereen Ptítsyn (Iván Petróvitsj Ptisyn, Vánja) - een embleem van middelmatigheid die zichzelf heeft verrijkt door woeker - als de meest respectabele partij beschouwt. Mooie, intelligente vrouwen zoals Nastásja Filíppovna worden onteerd en bijgevolg naar de ondergang gebracht.

De wereld van de roman zit vol met dronkaards (Lebedev, generaal Ivolgin, Ferdysjtjénko, Rogózjin en zijn gezelschap) en schurken (Lébedev, Doktorénko, Keller, Ferdysjtjénko en anderen). Vrijwel iedereen, zoals de Ptítsyns en de Ivólgins, heeft een middelmatig/gewoon karakter. De high society zit vol met oppervlakkige, nietszeggende mensen. En er zijn de mensen als generaal Jepántsjin, die zich daaraan conformeren, ook zij gedragen zich oppervlakkig, doordat zij zich onderdanig gedragen tegenover die nietszeggende upper class, alleen maar om een hoge positie te verwerven. Hoewel Mýsjkin oneindig moreel superieur is aan de wereld die hij betreedt, is zijn effect op deze wereld uiteindelijk nul - d.w.z. een mix van positief en negatief. Hoewel Mýsjkin probeert de mensen om hem heen te helpen, drijft hij een aantal van hen - generaal Ivólgin, Nastásja Filíppovna, Aglája - naar de ondergang. Het falen van Mýsjkins mededogen om degenen te redden om wie hij het meest geeft, vooral Nastásja Filippovna, drijft hem tot waanzin.

Russisch christendom en verlossing

Vorst Mýsjkin
is een Christusfiguur, hoewel Dostojevski een volgens hem Russisch element aan deze messias toevoegt. Mýsjkin beschrijft religie als een enorm sterk gevoel, vergelijkbaar met de vreugde die God voelt voor zijn schepping - een gevoel dat hij herkent wanneer hij een jonge moeder ziet die haar baby vreugdevol borstvoeding geeft. Net als het idee dat religie een gevoel is in plaats van een reeks regels die men volgt, kan  het Christus-achtige in Mýsjkin ook worden gereduceerd tot een gevoel: zijn immense mededogen en liefde voor anderen.

Dostojevski verkent het idee van verlossing in een reeks personages die veroordeeld zijn. Mýsjkin probeert zich tijdens zijn eerste ontmoeting met de Jepántsjins de gevoelens van een veroordeelde voor te stellen voorafgaand aan zijn executie. (prachtig stukje, over het verliezen van alle hoop bij de doodstraf, de doodstraf die erger is dan de misdaad waarvoor de straf werd opgelegd), in mijn boek p. 28-29): 

"Het vonnis is geveld en het feit dat je dat met zekerheid niet zult ontlopen, daarin zit hem die afschuwelijke kwelling en erger dan dat is er op de wereld niet."

Later ontrafelt de roman personages die - net als de man die op het schavot die op zijn executie wacht - op de rand van de afgrond staan. Zulke personages zijn onder meer de Zwitserse vrouw Marie, Nastásja Filíppovna, Hippolíte, Rogózjin, generaal Ivólgin en zelfs Aglája. Mýsjkin biedt een soort hoop – zo niet de volledige omkering van het doodvonnis, dan toch de verzachting van het psychisch lijden dat het de veroordeelden toebrengt.

Terzijde: 
De Zwitserse Marie, een jonge dienstmeisje uit de roman De Idioot, speelt een kleine maar cruciale rol. Ze is een symbolische figuur die de zuiverheid en onschuld vertegenwoordigt waar de protagonist, vorst Mýsjkin, een diepe connectie mee voelt. Haar verhaal dient als een metafoor voor de verlossing van de vorst en de mogelijkheid van liefde en mededogen, zelfs in de meest ellendige omstandigheden.
Ook speelt zij een rol in Mýsjkins psychologie: De interactie met Marie versterkt Mýsjkins compassie en begrip voor het lijden van anderen en zijn geloof in de kracht van liefde en vergeving. 
NB: het verhaal staat in hoofdstuk 6,  vanaf p. 77 in mijn uitgave. 
Het gaat om het verstoten meisje Marie, met tbc. Verstoten nadat ze verleid was door een Franse commis. Marie verzorgde haar zieke moeder, maar ook die mishandelde haar 'slechte' dochter, en de dominee en alle dorpelingen ook. Alleen de kinderen krijgen via Mysjkin oog voor Marie, en beginnen haar in het geheim te steunen. 
Mýsjkin erkent dat hij het hart van een kind heeft, méér voor hem voelt dan voor volwassenen. 

Het boek zit ook vol met zondaars, van onschuldige dronkaards zoals generaal Ivólgin tot doodgewone leugenaars en schurken zoals Ferdystsjénko, Lébedev, Keller, Doktorenko en zelfs moordenaars zoals Rogózjin. Vorst Mýsjkin brengt een aanzienlijke hoeveelheid tijd door met al deze zondaars, zelfs nadat velen van hen hem slecht hebben behandeld. Ze hebben de vorst moreel en geestelijk nodig. Zijn pogingen om hen te helpen, zelfs na hun beledigingen, vertegenwoordigen het ultieme in onbaatzuchtig mededogen.

Motieven:


Motieven zijn terugkerende structuren, contrasten en literaire middelen die kunnen helpen bij het ontwikkelen en informeren van de belangrijkste thema's van de tekst.

Schoonheid

Schoonheid komt in verschillende vormen naar voren in de roman. Iedereen verbaast zich over de schoonheid van Nastásja Filíppovna. Aglája staat bekend om haar schoonheid. De Jepántsjin-dochters  zeggen dat schoonheid macht is. Mýsjkin merkt op dat schoonheid een raadsel is. Tijdens het verlovingsfeest bij de Jepántsjins roept de vorst uit dat schoonheid te vinden is in heel Gods schepping.  Een bepaalde spirituele schoonheid doordringt de roman als het gaat over vorst Mýsjkin en zijn liefde die hij alle andere personages betoont. Inderdaad, zo'n schoonheid is een raadsel omdat het een gevoel is en daarom onmogelijk te definiëren. Het is veelbetekenend dat tegen het einde van De Idioot alle voorbeelden van schoonheid in de roman, zoals Nastásja Filippovna, Aglája en Mýsjkin, te gronde zijn gericht.

Licht en donker

Dostojevski zorgt vanaf het begin voor een contrast tussen licht en donker, door beschrijvingen van het donkere haar en de donkere ogen van Rogózjin naast het lichte haar van Mýsjkin te plaatsen. Vrijwel alles wat met Rogózjin te maken heeft, is duister – zijn uiterlijk, zijn huis, de zaal waarin hij Mýsjkin probeert te vermoorden en de studeerkamer waarin hij Nastásja Filippovna vermoordt. Duisternis wordt ook vaak geassocieerd met Nastásja Filippovna: ze draagt een donkere jurk op het avondfeest en als hij aan haar denkt, moet Mýsjkin aan duisternis denken. Mýsjkin daarentegen schrijft de brief aan Aglája over zijn 'licht'. Aglája's naam zelf betekent ook 'licht'. Het contrast tussen licht en donker benadrukt het contrast tussen de goedheid van de prins en de verdorvenheid van de wereld om hem heen. Dit contrast onderstreept ook de verschillende effecten die Nastásja Filippovna en Aglaya op Mysjkin hebben: terwijl de eerste zijn ziel vult met duisternis, vult de laatste haar met licht.

Liefde

Dostojevski geeft voorbeelden van vele soorten liefde: liefde uit ijdelheid, passie, romantische liefde en medelijden. Gánja's genegenheid voor Aglája is ijdele liefde; hij is niet bereid om er alles voor op te offeren, zoals we zien in deel I wanneer hij Aglája om een soort verzekering vraagt voordat hij bereid is zijn verloving met Nastásja Filíppovna te verbreken. Rogózjins gevoelens voor Nastásja Filíppovna zijn een voorbeeld van allesverslindende passie; dit soort liefde benadert haat en is zeer destructief, zowel voor de minnaar als voor het object van liefde. Zowel Nastásja Filippovna als Aglája zijn een voorbeeld van romantische liefde in hun gevoelens voor vorst Mýsjkin, die op zijn beurt Aglája liefheeft met romantische liefde. Ten slotte is de sterkste liefde van allemaal in de roman medelevende liefde, of mededogen, belichaamd in Mýsjkin en is bijzonder sterk gericht op Nastásja Filíppovna.
Ik beschouw dit als het hoofdmotief. 

Symbolen:
zijn objecten, personages, figuren en kleuren die worden gebruikt om abstracte ideeën of concepten weer te geven. 

Geld:
Geld is een van de grootste verleidingen voor de mens; in de gecorrumpeerde wereld van De Idioot is vrijwel iedereen behalve de vorst en Nastásja Filíppovna bezweken voor hebzucht. Gánja is bereid om bijna alles te doen in zijn passie voor geld - zelfs trouwen met iemand die hij veracht en die zijn familie sterk afkeurt. Generaal Ivólgin wil geld om zijn drinkgewoonte te kunnen betalen en ook omdat het voor hem de enige mogelijkheid biedt om tijd door te brengen met zijn minnares, Márfa Teréntjeva. Lébedev is bereid zijn handen in de open haard te steken om het pakket met 100.000 roebel te grijpen dat Nastásja Filíppovna heeft weggegooid. Niemand in de omgeving van Nastásja Filíppovna schenkt enige aandacht aan Mýsjkin tot het moment dat hij van zijn erfenis vertelt; nadat hij dat heeft gedaan, wordt hij omringd door lui die zijn geld willen. Mensen als Boerdóvski en zijn bende gaan zelfs zo ver dat ze liegen om te proberen wat van het geld van de vorst te krijgen. In de samenleving van De Idioot creëert geld niet alleen iemands fortuin - bijvoorbeeld dat van Ptítsyn - het zorgt er ook voor dat je de bruid krijgt. "Biedingen" op Nastásja Filíppovna variëren van 75.000 roebel tot 100.000, zelfs tot meer dan een miljoen. Geld is dus een duidelijk symbool van de perversie van menselijke waarden in de roman.

Het huis van Rogózjin

De donkere en verstikkende woning van de familie Rogózjin symboliseert de levensstijl van Rogózjin. De duisternis ervan staat symbool voor de man zelf: zowel zijn fysieke verschijning als zijn innerlijke wereld zijn gevuld met jaloezie, obsessie en agressie. Net als de ijzeren tralies voor de ramen van het huis, is de passie van Rogózjin verstikkend. Zijn liefde voor Nastásja Filíppovna is beklemmend.

Het monster in de droom van Hippolite

Tijdens het lezen van zijn 'Mijn Noodzakelijke Verklaring' pagina 419 beschrijft Hyppolíte - hij lijdt aan tuberculose en staat op het punt te sterven - een droom met een gruwelijk monster dat op het punt staat hem te verslinden. Dit lelijke monster vervult hem met vreselijke angst. Op psychologisch niveau vertegenwoordigt het monster de natuur zoals Hippolíte die ziet - een kracht die op het punt staat hem letterlijk te verslinden. Op een bredere schaal vertegenwoordigt het monster echter de lelijkheid en corruptie binnen de samenleving die Dostojevski portretteert in De Idioot. Het morele verval dat we overal zien, dreigt de personages in de roman te verslinden, net zoals het monster Hippolíte in zijn droom dreigt te vernietigen.
Voor verdere uitpluizing van het boek verwijs ik naar  Spark Notes.

0=0=0=0=0=0=0=0=0=0=0=0=0=0=0=0
Fjodor Dostojevski, 
1821-1861
Net als vorst Mýsjkin, leed Dostojevski aan epilepsie. 
Geld speelde trouwens in zijn eigen leven ook een grote rol, Dostojevski was gokverslaafd .

Ik stuitte nog op een interessante site over dit boek: op de ISW, Internationale School voor Wijsbegeerte , speciaal over het conflict in de ziel van Mÿsjkin. Geeft Spark Notes vooral een bruikbare opsomming van feitelijkheden, de ISW gaat veel dieper in op de gedachten van Dostojevski. Zij formuleren het conflict helderder. 

Ik geef een enkel citaat: 

"Mýsjkin weet dus waar zijn geluk uit bestaat: de ervaring van schoonheid, een besef van vereniging met alles. Het probleem is: hij ervaart meerdere soorten van schoonheid, in de persoon van Nastásja Filíppovna en in de persoon van Aglája Jepántsina, en zij vragen hem ertussen te kiezen. Mýsjkin wil geen keuze maken, en hij wil van allebei houden. Joseph Frank becommentarieert de val van Mýsjkin als volgt: ‘[…] De prins is de boodschapper van een christelijke liefde die niets anders is dan universeel; maar hij is ook een mens, geen bovennatuurlijk wezen – een man die verliefd is geworden op een vrouw als een schepsel van vlees en bloed. De noodzakelijke dichotomie van deze twee uiteenlopende liefdes brengt hem onvermijdelijk in een tragische impasse waaruit geen ontsnappen mogelijk is, een impasse waarin de universele verplichting tot medelijden de menselijke liefde, die voor de prins een moreel onberispelijke vorm van “egoïsme” is, fataal doorkruist.

Morele universaliteit, het mededogen van Christus, betekent liefde voor alle mensen. Wanneer de prins deze universaliteit moet verbreken tijdens de ontmoeting tussen Nastásja Filíppovna en Aglája Jepántsjina, verwerpt hij zijn diepste morele overtuigingen en vernietigt hij zichzelf. De volgende uitspraak van Friedrich Schiller zou deze gang van zaken nog meer kunnen verduidelijken: ‘Liefde is tegelijk het meest grootmoedige en het meest zelfzuchtige in de natuur; het eerste: omdat zij niets van het object van haar liefde ontvangt, maar het alles geeft […] het tweede: omdat het altijd slechts zichzelf is dat zij in haar voorwerp zoekt en koestert.’13 In een echte liefde zijn deze twee eigenschappen van liefde niet met elkaar in tegenspraak: er is niets tegenstrijdigs aan om iets te zeggen als: ‘Ik heb je lief, daarom wil ik alles wat van mij is aan jou geven, en ik heb je lief omdat ik je nodig heb.’ In prins Mýsjkin zijn grootmoedigheid en zelfzuchtigheid is er wel iets tegenstrijdigs: hij kan de combinatie van groothartigheid en egoïsme die liefde eigen is niet accepteren, omdat hij niet egoïstisch kan zijn. Nooit. Een paradoxaal mens is mogelijk, iemand die schijnbaar onverenigbare eigenschappen heeft. De paradoxale mens koestert verschillende vormen van liefde voor verschillende mensen. Volgens Dostojevski zijn we allemaal zo’n schijnbare onverenigbaarheid die zich toch aaneen weet te smeden in een of andere persoonlijkheid. Maar wie te allen tijde moreel integer wil zijn, kan geen morele tegenstrijdigheid tolereren. Daarom moet, omdat hij een moreel integer mens is, het brein van Mýsjkin hem verlaten."
Einde citaat.
Logo Internationale School voor Wijsbegeerte

Mijn eindconclusie: 
Mij dunkt dat dit artikel de vinger beter op de 'wonde' legt dan dat van Spark Notes. Mýsjkin botst weliswaar met de maatschappij - dus onbaatzuchtigheid versus eigenbelang - maar de  botsing in het innerlijk van Mýsjkin zelf is fundamenteler. 
Voor mogelijke verdere studie van het werk van Dostojevski: 
Boek van Stefan Zweig, over Dostojevski. 
Commentaar uitgever: 
"Zweigs inzichten over Dostojevski zijn gebaseerd op intensieve studie van Dostojevski’s biografie en geschriften....."