zaterdag 11 november 2017

Dheepan, Jacques Audiard, 2015.

Het zogenaamde gezin op de poster.
Dheepan stond al een tijdje opgenomen op onze mediabox, er zijn van die films waar je niet aan toe komt. Maar laatst begon ik er dan maar eens aan, volkomen blanco over wat voor vlees ik in de kuip had. 
Ik had aanvankelijk een derde wereld-gevoel bij de film, ik voelde me een beetje braaf dat ik ernaar zat te kijken. Maar dat veranderde helemaal. 
Dheepan wordt gespeeld door Jesuthan Anthonysan.
Dheepan is een Sri Langkaanze Tamil Tijger, die na de oorlog zijn land ontvlucht. Bij hem sluiten Yalini, een jonge vrouw, en Illavaal, een jong meisje zich aan. Zij hebben alle drie hun eigen familie verloren, en doen zich voor als een nieuw gezin. 
Hier Dheepan met Illavaal, gespeeld door Claudine Vinasithamby.
Kalieaswari Srinivasan speelt Yalini
Ze komen terecht in een flat in Frankrijk, waar Dheepan conciërge wordt. Yalini gaat bij een medebewoner van het appartement in dienst. Een oude man, die te ziek is om zelf te eten of zijn flat nog te verzorgen. 'Dochter' Illavaal gaat naar school. 
Voordat hij conciërge wordt, probeert hij de kost te verdienen met het verkopen van lichtgevende prullaria.
Al gauw blijkt het niet pluis te zijn in de flat, noch in de flats eromheen. Het is een broeinest van misdaad, allemaal jonge mannen die niet deugen. Er zijn plekken waar Dheepan niet mag komen, die zijn aan de bende voorbehouden. 's Nachts ziet hij allemaal auto's passeren langs de voordeur, en stoppen. Er heerst een cultuur van angst, de jonge criminelen maken de dienst uit. In de flat waar Yalini werkt, komen de heren samen om te vergaderen. Yalini moet daar eerst op de deur kloppen en wachten tot ze binnen mag. Ze maakt kennis met de leider van de bende, die tegen haar vriendelijk is, wat ook komt omdat ze lekker voor hem gekookt heeft. 
De relatie tussen de twee slingert heen en weer tussen aantrekking en afstoten. 
Het gezin gaat redelijk goed. Ze worden ook opgenomen in een gemeenschap van andere Tamils, het lijkt er zelfs op of er een liefde ontbloeit tussen Dheepan en Yalini. Maar dan wordt onheil aangezegd: Dheepan krijgt bezoek van zijn oude kolonel, die hem dwingt geld in te gaan zamelen voor een voortzetting van de strijd. 
Na het bezoek van de kolonel ziet Dheepan in dat hij zijn eigen vermoorde vrouw en kind mist. Hier met zijn aangenomen dochter, die hij toch verdedigt. 
Het lijkt Dheepan waanzin, maar de kolonel slaat hem in elkaar. Yalini heeft intussen genoeg van alle ellende en wil weg naar Engeland, naar haar nicht. - Dheepan wordt helemaal gek; hij neemt haar haar paspoort af. 
Zijn heldhaftige optreden brengt verzoening tussen hem en Yalini. 
De criminelen krijgen intussen ruzie, er wordt geschoten.
Dheepan reageert nu als krijger, in plaats van als conciërge.
Dheepan vecht terug. Komt dit voort uit zijn oorlogstrauma? Hij lijkt zichzelf kwijt. Intussen vind ik het wel adequaat wat hij doet. 
Hij maakt een witte 'voetbalstreep' tussen de twee concurrerende flats. Hij steekt een auto in de fik en doodt een crimineel. Intussen is er een inval geweest in het huis waar Yalini werkt. De oude man en de bendeleider worden beschoten. 
Met de dood bedreigd.
Dheepans  'vrouw' Yalini wordt bedreigd door de stervende bendeleider, Dheepan bevrijdt haar. Zwarte rook kringelt omhoog van de auto. 
In de volgende scene zijn we in een wit, vreedzaam Engeland. We zien een groep Sri Langkanen op een grasveld, en Dheepan met een babytje op de arm.
Dit is de regisseur, Jacques Audiard, in 2015. Het is ook de regisseur van de door mij bewonderde films De Rouille et d'Os en Un prophete.
Hier op een festival. De film kreeg een Gouden Palm.
Hoe zijn leven verloopt na de oorlog op Sri Langka is indrukwekkend. Hij doet het prima als conciërge, maar het verleden komt keihard terug.
Zij ondervinden ook veel moeilijkheden met elkaar. Zij doorziet dat hij in het sprookje van het gezin is gaan geloven. Maar zij is niet zijn vrouw, Illavaal niet hun kind.
Broedend op de problemen
Aanvankelijk aan de leiband van de criminelen, later niet meer. 
Trailer.
Ik vond het een geweldige film, zoals ik van eerdere films van Audiard ook erg genoten heb. Hij is in het eindstuk zeer gewelddadig, zeker. In een aantal recensies las ik, dat men dat niet vond passen bij de rest van de film. Ik ben het daar niet mee eens, de film is van meet af aan doortrokken van geweld. Ik vond het verhaal geloofwaardig. Het deed me trouwens ook goed invoelen met welke problemen vluchtelingen te maken krijgen. Al erken ik dat niet elke vluchteling in deze extreme omstandigheden terechtkomt. 
Ik citeer nog een stukje uit Film.NU:

Wat Dheepan ook bijzonder maakt is dat hoofdrolspeler Jesuthasan Anthonythasan uit eigen ervaring put. Hij was zestien toen hij werd ingelijfd door de Tamil Tijgers. In 1993 bereikte hij, op een vals paspoort, Frankrijk waar hij, net als Dheepan, eerst allerlei klusjes aannam om te overleven: in de keuken, als vaatwasser, vakkenvuller, bij Eurodisney.

Later ontwikkelde hij zich tot schrijver. Gorilla (2008) en Traitor (2004) gaan over zijn tijd bij de Tijgers en over een grote massamoord die in 1983 werd gepleegd door de Sri Lankese regering. In Dheepan is te zien dat hij ook een goed acteur is. Tegenspeelster en toneelactrice Kalieaswari Srinivasan is trouwens ook uitmuntend in haar filmdebuut.

De Taiml Tijgers waren een onafhankelijkheidsbeweging, die voor een vrij Tamileelam streden. Dit speelde sinds de jaren zeventig van de vorige eeuw. In 2009 verklaarde de regering de Tamils voor verslagen. 
Wat ik ook nog treffend vond, was wat Illavaal op school leerde: Démons et merveilles, het rijmpje van de Franse dichter Jacques Prévert:

Démons et merveilles
Vents et marées
Au loin déjà la mer
S’est retirée
Et toi comme une algue
Doucement caressée par le vent
Dans les sables du lit tu remues en rêvant,
Démons et merveilles
Vents et marées
Au loin déjà la mer
S’est retirée.

Dit leven is als dat Illayaal op school leert: vol van demonen en vol van wonderen. En Dheepans hartenkreet hoor je dezer dagen aan alle Europese buitengrenzen: ‘No Fire Zone!’ (De witte 'voetbalstreep'.)

vrijdag 10 november 2017

Der Steppenwolf, Hermann Hesse, 1927 (2007)

Ik was nieuwsgierig naar dit boek van Hermann Hesse, ik kwam de naam ervan ergens tegen, ik weet niet meer waar.
En vanwege mijn oude liefde voor Hesse.
Het is ongelooflijk hoe veel er over dit boek geschreven is, over de filosofische achtergronden en dergelijke. Ik heb een Duitse uitgave gelezen, deze:
Tekst en commentaar Suhrkamp BasisBibliothek.
De Duitse tekst is vrij gemakkelijk te lezen. Dat kan niet worden gezegd van het commentaar, dat is van Heribert Kuhn, geboren in 1953, 'freier Publizist'. Het boek is geschreven voor school- en studiedoeleinden. Voor school lijkt het mij erg hoog gegrepen. Het gaat heel erg ver in de wetenschappelijke achtergronden. Voor mij was het moeilijk me daar alsnog in te verdiepen. In aanmerking genomen dat Hesse in deze tijd niet meer zo van belang wordt geacht. Dat was heel erg anders in de tijd dat het boek voor het eerst verscheen, 1927. Én, erg belangrijk, er is een grote Hesse-, eigenlijk: een Steppenwolf-revival geweest in de zestiger jaren. Er is zelfs een band naar dit boek genoemd. 
Bekendste album. 
Ze treden nog steeds op; dit is in 2015.
Zo klopte het uiterlijk het beste bij hun naam: woest, een ruig leven voorstellend. De naam Steppenwolf was bedacht door Jim Morrison, die sterk geïnspireerd was door Hesses roman. 
Steppenwolfs muziek onderging psychedelische invloeden. Ook dat klopte met Hermann Hesse.  
Nu naar het boek: 
Ik vond het erg moeilijk om te lezen, of beter: om te onthouden. Het Duits viel wel mee, maar de gedachtegang  van Hesse is lastig na te vertellen. 
Het bestaat uit een paar delen: 
Het eerste is een fictief voorwoord door de uitgever, een neef van de hospita van Harry Haller (de initialen zijn HH, dezelfde als die van Hermann Hesse).De neef maakt Harry Haller als een keurige man mee, die erg gesteld is op de netheid van zijn pension. 
Harry is een man van tegen de vijftig, zo oud als Hesse was toen hij het boek schreef. De neef maakt hem 'van de buitenkant' mee, zoals hij zich gedraagt in het pension. De neef is erg op hem gesteld, maar vindt hem tegelijkertijd vreemd. Hij ziet in hem iemand aan de rand van de samenleving, eenzaam. Hij is te weten gekomen dat hij tegen de tijdgeest is, tegen Otto Spengler. 
Harry gaat in dit boek naar een lezing van Spengler. Hesse zag de ziel van de mens in gevaar gebracht door de uitwerkingen van de technisch-geciviliseerde wereld. Hij ervoer ook sterk de dreiging van een nieuwe wereldoorlog.
En dat hij leed aan zelfhaat. Hij had afbeeldingen van Boeddha en Dostojevski aan de wand. Hoewel hij met zelfmoordplannen liep, weet de neef zeker dat hij dat niet gedaan heeft. 
Zo is het eerste wat hem opviel bij binnenkomst van Haller, is dat deze 'aan het huis ruikt'; het doet mij als lezer meteen aan de hond-achtige steppenwolf denken.
Steppenwolf, of coyote.
Later wordt dat wat duidelijker gemaakt, als de neef ziet dat Haller op de gang gaat zitten waar twee mooie planten staan, goed verzorgd, en waar het ook zo heerlijk proper en burgerlijk ruikt. Hij houdt van die opgeruimdheid, die netheid. 
Haller verlaat het pension, en laat daar zijn papieren achter. 
Met die papieren maken we in het volgende deel kennis. 
Haller lijdt aan hoofdpijnen en aan jicht; eigenlijk aan het leven. Hij was altijd een man van geleerdheid, dol op Mozart, Goethe, en filosofie. 
Een heel stuk gaat erover, hoe Goethe werd afgebeeld: ijdel, of zoals hij 'echt' was.
Maar zijn vrouw had hem intussen verlaten, hij was zeer eenzaam en dacht aan zelfmoord. Op een wandeling ziet hij een muur met een poort erin, met neonletters: niet voor iedereen, alleen voor krankzinnigen.
Een marskramer verkoopt hem het Traktaat van de Steppenwolf: Alleen is de eerste uitgave van Steppenwolf is dat in een echt flyer-kleurtje uitgebracht. 
In de eerste druk was dit tractaat zelfs gedrukt in de kleur van een flyer. 
Hierin geeft Hesse een theoretisch overzicht van hoe de steppenwolf  Harry Haller in elkaar zit. Het is een zogenaamd objectief relaas, waarin de steppenwolf door buitenstaanders (de onsterfelijken) geanalyseerd wordt. Hij leefde nu een als mens, dan weer als wolf, maar als hij wolf was, keek de mens kritisch toe en veroordeelde hem, stelde hem terecht. Zo deed hij het nooit goed bij zichzelf. Andere keren was hij wel vrijuit zichzelf, het drama van zijn innerlijk voltrekt zich niet eenduidig. Eenzaamheid en onafhankelijkheid waren zijn lot. Op dit punt in zijn leven was hij de zelfmoord nabij, ja, hij hoorde tot de categorie van zelfmoordenaars.   
Eigenlijk zijn er geen twee personen in Harry, maar een duizendtal.
Dan volgt het gedicht de Steppenwolf: zoekt een haas of ree om te verslinden. 
In het volgende deel ontmoet Harry Hermine, Maria en Pablo. Maar ook Goethe speelt een rol, die ook weer de nadruk op het lachen legt. Hermine, Maria en Pablo zijn alle drie afsplitsingen van hem zelf. Hermine is zijn vrouwelijke alter ego, zijn spiegelhelft. Zij leidt hem op zijn pad nieuwe elementen in zijn persoonlijkheid te integreren. Ze leert hem op de eerste plaats te dansen, Harry moet een grammofoon kopen om thuis les van haar te krijgen. Hij vindt dat maar een raar object temidden van zijn serieuze oude wereld (boeken). Toch verandert hij langzaam, er komen nieuwe 'stukken' in zijn persoonlijkheid. Hij leert de liefde kennen, via de mooie Maria (die eigenlijk een hoer is), en dit keer zonder schuldgevoel. 
Pablo, de saxofoonspeler. Geeft onder andere drugs. 
Via de saxofoonspeler Pablo - Pablo is geen denker noch prater noch filosoof, zoals Harry - leert hij dat mensen ook zonder te filosoferen gewoon voor de muziek kunnen leven. Dat is heel anders dan hoe Harry tegenover Mozart en Goethe staat. Pablo  geeft Harry drugs om hem zich beter te laten voelen. Het is een oppervlakkiger, vrolijker leven, en Harry ontdekt hoeveel hij van dat leven geniet. Terwijl hij altijd dacht dat het alleen maar om die diepere dingen ging, ondergaat hij nu het plezier van het dansen, van moderne muziek enzovoorts. 
Toch voelt hij zich niet tevreden met die nieuwe tevredenheid.
Freud maakte opgang in Hesses tijd. De aandacht voor het onbewuste heeft daar zeker mee te maken, 
Hij heeft een ongeluk nodig, dat hem 'mit Begier leiden und mit Wollust sterben lass'. Hij voelt zich als 'met een dimensie te veel' voor deze wereld. Mozart leefde voor de Eeuwigheid. We leren op school over de regeerders en gezaghebbers van zijn tijd, maar neit over dat eeuwigheidsverlangen van Mozart. En dat heimwee voelt Harry ook in zich. Het is wat de vromen 'Het Rijk Gods' noemen. Het zijn de 'Anspruchsvollen', die met 'de dimensie te veel'een Sehnsucht hebben naar 'Das Reich des Echten'. In die zin zijn de heiligen de echte mensen. De enige leidraad voor de mens is zijn heimwee daarnaar. (opeens komt de vergelijking met A. Roland Holst in me op, de Elyseese velden.)
Met dit inzicht verlaat hij Maria, hij moet verder, wil de kroon van het leven vinden. 
Hij volgt de aanwijzingen van Hermine, die hem opdraagt naar een gemaskerd bal te komen. Eerst ziet hij nog een film in de bioscoop, over het oudtestamentische gouden kalf. 
Ook dit beeld ondersteunt de rest van het verhaal: de aandacht van de mensen is van 'het echte' afgeleid. 
Dan betreedt hij het Globustheater, zoekt Hermine en Pablo. Hermine is 'in der Hölle', Harry daalt af. Vergelijking met Dantes inferno. 
Hij ervaart een unio mystico, vreugde ten opzzichte van alle aanwezigen.Geniet van de muziek, van dans, van alles. Als het feest op een eind loopt, is hij alleen met Hermine over. Met Pablo treden ze gedrieën in een ronde kamer, met een ronde tafel en drie stoelen. 
Pablo houdt een lange preek - opmerkelijk voor de niet-prater. Harry ziet zichzelf in een zakspiegel (als Harry, met de steppenwolf in zich), en in een grote wandspiegel - als duizenden Harry's.
De dualiteit in Harry uitgebeeld,
Hij en Hermine zullen nu het magisch theater gaan betreden. Leren lachen is het doel.
 
Onder en boven: Friedrich Nietzsche
Het belang van het lachen had Hesse van Nietzsche. In Zur Genealogie der Moral (1887) heeft Nietzsche de lachlust van de goden - het olympische  lachen - als uiting van distantie en superioriteit beschreven.
Zonder angst mag Harry een schijnwereld betreden en een schijnzelfmoord uitvoeren. 
Eintritt nicht für Jedermann, Nur für Verruckte.
Ik vond het deel met de 'Hochjagd auf Automobilen' een beetje griezelig. Het deed mij nazistisch aan. Harry maakt jacht op voetgangers. Hij meent dat hij tegen de machines vecht, tegen dikke rijke mensen, de bezitters die steeds rijker worden en de armen uitknijpen. Het is oorlog, de geheleblikken geciviliseerde wereld wordt vernietigd, met een verwoestende moordlust. Een vriend van vroeger, Gustav, theologiestudent, doet met hem mee. Aan wiens kant sta je? Allerlei wapens worden gebruikt, er wordt gedood niet uit plicht, maar om het plezier, of eigenlijk: uit ontevredenheid met de wereld. 
'Leuk, dat schieten, denkt hij... terwijl ik vroeger toch tegenstander van de oorlog was.' 
Nee, het is niet verstandig wat hij doet, beseft hij: de mensheid moet leren. dit soort 'kinderspel' in toom te houden. Idealen, zoals het bolsjewisme aan de ene kant, en het amerikanisme aan de andere kant, werken niet. Er moet gewerkt worden aan een hoger ideaal. 
Vervolgens betreedt hij nog de deur Anleitung zum Aufbau der Personlichkeit. Hier krijgt hij te maken met het uiteenvallen van het ik. De mens is geen durende eenheid. Het wordt duidelijk gemaakt aan allerlei schaakfiguren, die steeds in andere opstelling staan. Zo zijn er voor de mens altijd andere groeperingen, betrekkingen, vervlechtingen. Zo leert hij de levenskunst. Schizofrenie is het begin van alle kunst. 
Alles 'ikjes' van de persoonlijkheid als in een schaakspel, steeds anders opgesteld. 
Ook herbeleeft Harry alle liefde van zijn leven, maar nu niet meer met al zijn remmingen, maar zoals ze allemaal open gebloeid hadden kunnen zijn. Dan betreedt hij de deur Wie man durch Liebe tötet: hij hoort de noodlotsmuziek uit Don Giovanni, met Leporello.
Il commandatore voert Don Giovanni naar de hel. 
Zoals Hermine hem in het begin van hun contact voorspeld heeft, doodt hij haar hier, omdat hij haar aantreft met Pablo in bed. Haar wens is vervuld. 
Dan ziet hij Mozart met een radio-apparaat. Ook weer iets van de techniek dat hij verfoeit. 
Mozart streefde de Onsterfelijkheid na in zijn muziek. 
Mozart niet: het apparaat kan zijn goddelijke muziek laten klinken. Al is er dan het verschil tussen Tij en Eeuwigheid, het goddelijke en het menselijke, Idee en verschijningsvorm. Mozarts muziek is dan het ideaal, de klanken uit de radio de veel mindere werkelijkheid. Maar zo is het in het hele leven. 
Het laatste hoofdstuk is Harry's terechtstelling. Nee, hij wordt niet ter dood veroordeeld, maar tot het leven. Hij heeft de hoge kunst beledigd, is door het magisch theater gegaan zonder humor. 
Het laat zich corrigeren. Hij mag opnieuw door het theater, de hel van het innerlijk nog eens doormaken. Hij kan de zwijnerij die hij heeft aangericht dan wellicht goedmaken.
 
Eerste druk, 1927. 

Hermann Hesse, 1877-1962. 
Kwartiertje Hesse-docu. Zu Bildungszwecken. Met een opname van de stem van Hesse erin. 

woensdag 8 november 2017

Mrs. Dalloway, Virginia Woolf, 1925 (2014).

De Bezige Bij gaf het boek in vertaling opnieuw uit bij haar 70-jarige bestaan.
Ik had nog niet eerder een boek van Virginia Woolf gelezen - een van die leemtes in mijn kennis - en dus was de film The Hours voor mij een goede aanleiding om ná de film Mrs Dalloway ook het boek met die naam te gaan lezen.
Ik was zeer blij verrast! Het was een feest om dit boek met de prachtige zinnen te lezen. De treffende karakterbeschrijvingen, en het grillige, en toch niet onlogische verloop van het verhaal. 
Veel van wat in de film verborgen voor me bleef, werd in dit boek verhelderd. Dat kan ook niet anders, want terwijl een film de uiterlijke gebeurtenissen volgt, gaat het in dit boek juist om de stream of consciousness. De procédé wordt gezien als het antwoord van Virgina Woolf op James Joyce's Ulysses (1922). 
James Joyce, in 1918
Eerste uitgave Ulysses, 1922.
Zowel James Joyce als Virginia Woolf hebben met die werkwijze de moderne roman geïntroduceerd. Ze worden gerekend tot de belangrijkste Engelse auteurs van de twintigste eeuw. 
Mrs. Dalloway gaat over het leven van Mrs. Dalloway, de 50-jarige vrouw van een gerespecteerd parlementslid, gedurende één dag. We volgen haar op die dag, terwijl ze een groot feest voor die avond voorbereidt. Door haar gedachtenstroom te volgen, maken we met haar ook flashbacks naar het verleden mee. 
Behalve haar eigen leven, volgen we ook dat van Septimus Warren Smith en diens vrouw Lucrezia. Ook zijn en haar gedachtenstroom volgen we. Het is een heel aangrijpend stuk, over een soldaat met een ernstige post traumatische stress stoornis, toen nog shell-shock geheten. Hij pleegt zelfmoord. 
Woolf geeft prachtige waarnemingen. Ik citeer hier nu een bladzijde die ik met beklemming las. Het gaat over één van de twee artsen die Septimus consulteert, dit is dokter William Bradshaw. Deze dokter weet duidelijk onderscheid te maken tussen krankzinnigheid en verstand; en verstand is bij hem 'gevoel voor proportie'. 
Citaat: 
Maar het gevoel voor juiste proportie heeft een zuster, minder vriendelijk, geweldiger, een godin die zelfs nu bezig is - in de hitte en het zand van India, de modder en de moerassen van Afrika, de achterbuurten van Londen, kortom, waar het klimaat of de duivel de mens ertoe brengt om van het ware geloof dat het hare is, af te wijken -, die zelfs nu bezig is, altaren omver te werpen en afgodsbeelden te verbrijzelen en ervoor in de plaats haar eigen strenge gezicht te plaatsen. Bekeringsdrift is haar naam en zij smult van de wil van de zwakken, ze wil indruk maken, imponeren, zij aanbidt haar eigen gelaatstrekken, die op het gelaat van de bevolking worden gedrukt. Zij staat in Hyde Park op een kist te prediken, hult zich in het wit en waart boetvaardig, vermomd als naastenliefde door fabrieken en parlementen; biedt hulp, maar wenst macht, stoot de andersdenkenden of de ontevredenen ruw uit de weg; stort haar zegeningen uit over hen die opziend, uit haar ogen onderdanig het licht opvangen dat uit hun eigen ogen schijnt. Ook deze dame (Rezia  Warren Smith giste het) had haar woning in Sir Williams hart, hoewel verborgen - zoals ze meestal is - onder een geloofwaardige vermomming; de een of andere  eerbiedwaardige naam: liefde, plicht, zelfopoffering. 

Iets anders wat ik erg mooi vond uitgedrukt was het thema van de verstrijkende tijd: het slaan van de  Big Ben:



Citaat: 
Want als je in Westminster hebt gewoond - hoeveel jaar nu? Meer dan twintig - voel je zelfs midden in het verkeerd of als je 's nachts wakker wordt, daar was Clarissa van overtuigd - een bijzondere stilte of plechtigheid; een niet te beschrijven pauze; een angstige spannign (maar dat was misschien haar  hart dat, zeiden ze, aangedaan was door de infleunza) vóór Big Ben slaat. Daar! De dreunende slag. Eerst een muzikale waarschuwing; dan het uur - onherroepelijk. De loden cirkels losten op in de lucht.
De zin komt meerdere keren terug in het boek. Het verstrijken van de tijd krijgt zo bijzondere nadruk.
Standbeeld van Virginia Woolf, Tavistock Square, Londen.
Schema van de context van de roman. Het na-oorlogse Groot-Brittanië, terugblikken naar Clarissa's zomers in Bourton, Conservatieven aan de leiding.
Schematische voorstelling van de karakters. 
Hier nog een keer, iets verder uitgewerkt.
Woolf noemde het boek aanvankelijk The Hours. Hier geeft ze heel mooi weer hoe de onderlinge  verhaal-fragmenten verbonden zijn. Ze springen heel natuurlijk over van de ene figuur naar de andere. 

Virginia Woolf
Woolf maakte deel uit van de Bloomsbury-groep, een invloedrijke groep schrijvers en intellectuelen die verbonden waren met de Cambridge-University. In het werk van Woolf en haar collega-schrijvers  zijn de waarden die worden uitgedrukt in de Principia Ethica van G. E. Moore herkenbaar. Daarin wordt gesteld dat "personal affections and aesthetic enjoyments include all the greatest, and by far the greatest, goods we can imagine".
Ik denk dan vooral aan het onderscheid dat Clarissa voelt tussen haar uiterlijke gedrag (conventioneel, gladjes) en een bewogen innerlijk.
Ik vond verder nog dit citaat over de Bloomsbury groep: 
Citaat: 
The lives and works of the group members show an overlapping, interconnected similarity of ideas and attitudes that helped to keep the friends and relatives together, reflecting in large part the influence of  G.E. Moore: "the essence of what Bloomsbury drew from Moore is contained in his statement that 'one's prime objects in life were love, the creation and enjoyment of aesthetic experience and the pursuit of knowledge'".
In later tijd kreeg de groep juist veel kritiek: het werd veel te veel een kliek gevonden. 

Andere boeken van Virginia Woolf zijn: To the lighthouse, 1927; A room of one's own, 1929 (veel invloed op feminisme); The Waves, 1931, Orlando, 1928; The Voyage Out, 1915; Moments of Being, 1972. 

Virginia Woolf was getrouwd met Leonard Woolf, die eveneens deel uitmaakte van de Bloomsburygroep.
Virginia maakte in 1941 een einde aan haar leven door de rivier de Ouse (York) in te lopen, met haar jas verzwaard door stenen. Zie hiervoor MIJN BLOG VAN HET BOEK VAN JEROEN BROUWERS, DE LAATSTE DEUR.