dinsdag 12 juni 2018

Hoe wij doodgaan; Bespiegelingen over het einde van het leven, Sherwin B. Nuland - 1994.

Vertaling van How we dy. 
Nuland werd geboren als Shepsel Ber Nudelman in The Bronx, New York City, in december 1930. Zijn ouders waren Joodse immigranten uit de Oekraïne, Meyer en Vitsche Nudelman.
Hoewel hij opgroeide in een orthodox joods milieu, beschouwde hij zichzelf als agnost, maar bleef wel naar de synagoge gaan. Als Oost-Europese Jood was hij getuige van de anti-semitische discriminatie jegens zijn neef, en veranderde daarom zijn naam toen hij op de universiteit wilde worden toegelaten.
Kanker is een verzamelnaam voor kwaadaardige groeiprocessen in het lichaam, waarbij sprake is van woekering van cellen.
De aanleiding voor mij om dit boek te gaan lezen, was de kennismaking met het boek van Ineke Koedam, In het licht van sterven. Ik wilde verder lezen over de dood, hoe onaangenaam dit misschien ook was. Onderhavig boek was één van mijn keuzes.
Het boek heeft me zeer verrijkt, omdat Nuland tot in detail beschrijft wat er allemaal gebeurt als een mens sterft. Er zijn hoofdstukken over hartziektes, aids, kanker, geweld en zelfmoord, sterven door ouderdom, en de ziekte van Alzheimer.
Complicaties bij Aids
Nuland weet, met zijn dertigjarige ervaring als arts, één ding zeker: dat een waardig einde bijna niet mogelijk is. Het is weggelegd voor niet meer dan een handjevol mensen. De anderen gaan echt gepaard met fysieke en geestelijke pijn.
Hij is ervan overtuigd, dat veel mensen van ouderdom sterven, ook al mag dat in Amerika niet als officiële doodsoorzaak worden genoemd.
Ziekte van Alzheimer
Het is een beetje jammer dat het boek al wat ouder is, bijvoorbeeld is het hoofdstuk over aids niet meer actueel. Ik weet niet precies wanneer zich daar de grootste veranderingen hebben voltrokken - maar in Nulands boek woedt de strijd tegen de afschuwelijkheid van de ziekte nog in volle omvang. Als leek weet ik, dat aids het immuunsysteem aantast, maar Nuland beschrijft precies hoe dat gebeurt, en waar in het lichaam; in medische termen..
Hetzelfde kan gezegd worden van hartproblemen, en van kanker.
Nuland is eerlijk over de dood. Tegelijk zeer respect- en gevoelvol.
Ik heb hier een plaatje opgenomen van een schilderij van Goya, dat hij noemt:
"El Garrotillo", Francesco de Goya; arts verwijdert difterievlies in de keel van het jongetje. De naam van het schilderij verwijst naar de wurggreep, waarmee de ziekte haar slachtoffers doodt. 
Nuland maakt hiermee aanschouwelijk dat de dood niets vredigs heeft, noch waardigheid heeft. In tegenstelling tot deze harde werkelijkheid noemt hij dit schilderij:
The Doctor by Samuel Luke Fildes
Hier wordt het 'sprookje' (of de illusie)  verbeeld van een dokter die rustig aan het bed van een al even rustig stervend meisje zit. Ik citeer hier een stukje uit de New York Times, bij het overlijden van dokter Nuland in 2014: 
To Dr. Nuland, death was messy and frequently humiliating, and he believed that seeking the good death was pointless and an exercise in self-deception. He maintained that only an uncommon few, through a lucky confluence of circumstances, reached life’s end before the destructiveness of dying eroded their humanity.
Ondanks het zware onderwerp, is dit een prachtig boek. Vooral door de eerlijkheid, en de empathie. Nuland gaat zelfreflectie niet uit de weg, integendeel. Hij beschrijft tot in detail wat hij vindt dat hij zelf fout heeft gedaan, onder andere toen zijn broer stierf: hij was niet in staat eerlijk te zijn tegen zijn broer over hoe het er met hem voor stond. Hij bleef die werkelijkheid samen met hem ontkennen. Daar heeft hij achteraf veel spijt van, omdat het in de weg stond zijn broer nabij te zijn op weg naar de dood. 
“I have not seen much dignity in the process by which we die,” he wrote. “The quest to achieve true dignity fails when our bodies fail.”
Nulands boek is bekroond met de National Book Award.
Sherwin B.Nuland, 2014 overleden, 83 jaar oud. Geboren 1930.

Ik ben geen arts, en heb ook geen enkele illusie dat ik veel zal onthouden van alle processen die er in een lichaam plaats vinden bij ziekte en dood. Wel vond ik het bere-interessant om erover te lezen, Nuland kan goed schrijven!
Een paar termen of onderwerpen wil ik bespreken die me bij zijn gebleven, of die ik graag wil onthouden. Bijvoorbeeld het proces dat ischemie wordt genoemd. is Het is een term van Rudolf Virchow, uit Pommeren, en betekent, letterlijk vertaald: het tegenhouden van de bloedtoevoer. Uiteindelijk is dat wat er gebeurt bij het sterven, organen worden niet meer voorzien van de noodzakelijke voedingsstoffen. Afvalstoffen hopen zich op. 
Ik heb ook een aantal zaken betreffende het hart opgenomen; misschien omdat dat bij mij een familiale kwaal is, dat daar mijn aandacht speciaal naar uitgaat. 
Zo wilde ik weten wat angina pectoris is: 
Angina pectoris is de medische term voor pijn op de borst of hartkramp. De pijn op de borst wordt veroorzaakt doordat de hartspier te weinig zuurstof krijgt. Vaak merkt iemand dit eerst alleen op momenten waarop het hart harder moet werken. Bijvoorbeeld tijdens inspanning.
Oorzaak angina pectoris:
De pijn op de borst bij angina pectoris komt meestal door vernauwing van de kransslagaders. Dit zijn de bloedvaten die het hart van zuurstof voorzien. Door die vernauwingen krijgt het hart minder zuurstof dan het nodig heeft. Je merkt niet direct iets van vernauwingen in de kransslagaders. Klachten ontstaan vaak pas wanneer een kransslagader meer dan 50% vernauwd is. Vernauwingen ontstaan door slagaderverkalking.
Wat is ventrikelfibrilleren?
Ventrikelfibrilleren of kamerfibrilleren is een ernstige hartritmestoornis. De hartkamers worden snel en chaotisch geprikkeld. Hierdoor trekken ze niet meer samen. Er wordt geen bloed meer rondgepompt en er ontstaat een hartstilstand.
Dit ventrikelfibrileren is dus iets heel anders dan het boezemfibrilleren, dat niet ernstig hoeft te zijn.
Bij een normaal hartritme verspreidt de prikkel zich vanuit de rechterboezem naar de kamers. Bij ventrikelfibrilleren bestaan er heel veel kleine elektrische stroompjes naast elkaar. Dit verstoort het verloop van de prikkel over de kamers. De kamer knijpt niet meer effectief samen. Het hart pompt geen bloed meer rond.
Als ventrikelfibrilleren ontstaat, stopt het hart met kloppen. Er is een hartstilstand. De hersenen krijgen geen bloed meer en iemand raakt na 10 seconden bewusteloos. Snelle reanimatie en het aansluiten van een AED kan dan een leven redden.
Myocard-ischemie: (myocard is een ander woord voor hartspier.)
Bij myocardischemie heeft de hartspier meer bloed nodig dan er door het kransslagaders wordt aangevoerd. Als gevolg hiervan krijgt de hartspier onvoldoende zuurstof. Hierdoor ontstaat pijn op de borst, dit wordt angina pectoris genoemd. Bij aanhoudend gebrek aan zuurstof kan de hartspier beschadigd raken en afsterven en ontstaat een hartinfarct. Gevonden op de site MedicInfo.
De elektrische impulsen van het hart gaan uit van de sinusknoop, de verdere geleiding gaat via AV-knoop en bundel van His.
Sinusknoop hart:
De sinusknoop zorgt voor de elektrische impuls. 
Ook de AV-knoop, en de bundel van His zorgen voor de geleiding. Daar kan ook weer van alles mis mee zijn. 
Verder over hartfalen:
Er bestaan een hoop misverstanden over hartfalen. Er zijn veel mensen die als ze het woord 'hartfalen' horen denken dat het hart niet meer beweegt en dus stil staat.
Dat klopt niet. Als we het hebben over een hartstilstand dan hebben we (vaak) te maken met een ernstige hartritmestoornis, het zogenaamde fibrilleren, waardoor de circulatie stopt. Het hart kan geen bloed meer uitpompen. Een veel voorkomende oorzaak van deze hartstilstand is als iemand een (fors) hartinfarct doormaakt waardoor delen van het hart niet meer meedoen met de pompfunctie en waardoor er uiteindelijk een ritmeprobleem komt die dusdanig ernstig is dat het hart (of eigenlijk nog beter, de circulatie) stil gaat staan. Overigens kan iemand ook zonder een hartinfarct een hartstilstand krijgen maar dit is uiteraard minder voor de hand liggend. 
Maar wat is hartfalen dan wel?
Eigenlijk is hartfalen een verzamelnaam voor aandoeningen waardoor de pomp van het hart niet meer goed werkt. Het hart kan het bloed niet meer adequaat door het lichaam heen pompen. Als gevolg hiervan zitten de organen die afhankelijk zijn van het hart te wachten op voldoende bloed en daarmee dus ook voldoende zuurstof. Als het hart niet uit zichzelf kan voldoen aan die behoefte dan spreek je van hartfalen.
Horace Giddens, in The little Foxes, van Lillian Hellman; zeer waarheidsgetrouw beschreven dood van een toneelpersonage, dat in 1900 aan een hartstilstand overleed. 
Hartzwakte of hartfalen, kenmerken.
Ik was een aantal malen erg aangegrepen door het boek. In het hoofdstuk over dood door geweld wordt bijvoorbeeld de moord op een jong meisje beschreven door een man die zei bezeten te zijn van de duivel. Vermoedelijk was dat nog waar ook, schreef Nuland. Wat het verhaal zo aangrijpend maakte, was de reactie van de moeder. Die was net even aan de overkant van de straat, toen de gek haar kind aanviel en op haar inhakte. Toen zij haar kind in de armen nam, viel haar op dat ze een blik had van verbazing - niet van angst of afschuw. Ze wist ook zeker dat ze toen nog éventjes leefde. Vlak daarna stierf ze. 
Een ander verhaal betrof ook kinderen: in de negentiende eeuw werden kleine jongetjes gebruikt bij het schoorsteenvegen. Ik wist niet wat ik las!
Er is ook een jeugdboek over geschreven, Levende Bezems, Lisa Tetzner.
Geheel naakt moesten ze via de haard door de schoorsteen kruipen, wie weet om een of ander werktuig aan te brengen. Soms was de schoorsteen nog heet, dus ontstonden er brandwonden. Maar het ergste was, dat roet zich in de lijfjes nestelde, en dan met name in het scrotum. Dikwijls trad daar kanker op, en de enige remedie die toen bekend was, was amputatie. Zonder verdoving, toen nog. 
De dood van Socrates door Jacques-Louis David. Zelfmoord.
Het slot van zijn boek wijdt Nuland aan Het Grote Raadsel. Een arts wordt meestal gedreven door de wil Dat op te lossen. Het vergt heel veel moed en durf om toe te geven, dat hij dat niet kan. Uiteindelijk wint de natuur het altijd, zegt Nuland. Maar in de huidige stand van wetenschap, zullen collega-artsen hem niet ondersteunen, als hij zelf al de moed vindt om dit te doen. Men is bezig het leven te rekken, te doen wat men kan. Terwijl het vaak niet in het belang van de patiënt is, omdat die omgeven wordt door vreemde mensen, die feitelijk alleen met de techniek bezig zijn. Konden ze erkennen dat ze zich moeten terugtrekken, dan konden de mensen sterven omgeven door wie hen lief zijn. 
Nuland pleit voor een goed leven. Want dat is wat het einde waardig kan maken. Sterven na een goed leven, omringd door je eigen mensen. 
Esculaap
De Eed van Hippocrates. Een arts kan voor existentiële dilemma's staan bij het behandelen van terminale patiënten. 

maandag 11 juni 2018

Philomena, Stephen Frears, 2013.

Prachtige film, naar een waar gebeurde geschiedenis. Het verhaal is te boek gesteld door Martin Sixsmith, en heet The lost child of Philomena Lee.
Filmposter
Boekomslag.
De film geeft een mengeling van ernst, tragiek en lichtheid te zien. Het ernstige verhaal wordt zodanig gebracht, dat je ook nog wel eens lachen kunt.
Anthony Michael Lee
Stephen Frears; regisseerde ook o.a. Dangerous Liaisons, en The Queen
Het gaat in de film over de zoektocht van een vrouw, Philomena, samen met een onderzoeksjournalist, Martin Sixsmith, naar wat er met haar zoon is gebeurd, die ze vijftig jaar geleden gedwongen was af te staan. Ze woonde in een nonneninternaat, waar ze niets te zeggen had over haar kind. 
Hard werken in het klooster.
Sixsmith is op dat moment zonder werk, en wil wel, in opdracht van de krant, een 'human interest' verhaal schrijven. Het contrast tussen Martin en Philomena levert de grappige contrasten op die deze film rijk is. 
De reis gaat al gauw naar Amerika, omdat blijkt dat de nonnen kinderen verkochten aan adoptie-ouders. Alle pogingen van Philomena om ooit te achterhalen waar haar kind was, zijn op niets uitgelopen. Ook nu krijgt ze, samen met Martin, niets los. Er zou een grote brand zijn geweest. 
In Amerika ontdekt Martin dat Anthony overleden is, en een belangrijke rol in de regering van de president heeft gespeeld. 
Samen proberen ze te achterhalen wat voor soort leven Anthoy - die door zijn adoptieouders tot Michael is gedoopt - heeft gehad. 
Zijn homofiele partner leeft nog, en via hem horen ze dat de nonnen expres de papieren hebben verbrand. 
Een oude non leeft nog, Martin roept haar ter verantwoording. Ze schreeuwt dat Philomena de straf voor haar begane onkuisheid verdiend heeft. Martin noemt de zusters slecht. 
Dat wil Philomena allemaal niet, 'it's not their fault'. 
Anthony blijkt begraven te liggen op het terrein van het nonnenklooster, overtuigd als hij was dat zijn moeder hem daar ooit zou vinden.
 
Philomena (Judy Dench) bij het graf van haar zoon.
Voor Philomena, die speciaal wilde uitvinden of haar zoon ooit nog aan haar gedacht had, een groot geluk!
Philomena Lee, met haar zoon  Kevin en dochter Jayne, en Mary Lawlor (rechts) van Adoption Rights Alliance and The Philomena Project. De foto is van Dara Mac Donaill / The Irish Times. We zien hier Philomena Lee die Roscrea home bezoekt waar haar zoon haar werd afgenomen. 
Op internet viel het niet moeilijk om de werkelijke mensen naast de filmsterren te vinden.
Hier Philomena naast Steve Coogan
En hier naast Judy Dench.
Philomena kreeg een heel publiek leven na het verschijnen van boek en film. Erg leuk om te zien, want zo te zien fleurde ze er erg van op!
Het is een erg droevige geschiedenis, dat met die baby's die verkocht werden door hardvochtige nonnen. Naast de misbruikgevallen die in de katholieke kerk plaats vonden is dit ook een bron van veel leed geweest. De film maakt dat goed voelbaar!
Er is een officiële Philomena-site.

Only Lovers Left Alive, Jim Jarmusch 2013.

Posters

Eerst een bekentenis: ik heb deze film niet uitgekeken. Ik vond hem veel te traag, en met veel zogenaamd interessante zaken die mij niet boeiden - soorten elektrische gitaren bijvoorbeeld. 
Toch was er ook iets wél moois aan: de vampiers, vooral Tilda Swinton als Eve - zag er erg mooi uit. Vampier was bedoeld in een moderne zin: geen nek-bijtende bloedzuigers, maar keurig aan glaasjes bloed nippende sophisticated lui. 

Met een heerlijke roes, dat wel....
John Hurt, als Marlowe, een verkapte Shakespeare.
Een bloed-ijsje, dat kon ook.
Een haast geheel witte Swinton.
Dit zijn al eeuwen lang geliefden. Hij is nu in een depressie beland. Zij reist vanuit Tanger naar hem toe, ergens in de VS.
Dit is het zusje van Eve, die roet in het eten komt gooien. Ik kan niet vertellen hoe, want hier ben ik afgehaakt.
Ik kwam er wel achter, dat in de rest van de film Shakespeare het loodje legde. En hij was nou net de blood-supply.
Dat leidt tot ontzetting. 
En er zit niets anders op voor het vampier-stel dan weer ouderwets te gaan nek-bijten.
Enfin, dit wilde ik toch graag onthouden van deze wonderlijke film. Hij is gemaakt door Jim Jarmusch.
Jim Jarmusch
Trailer

Ce quie demeure, Anne-Lise Morin, 2017.

Poster
Canvas zendt elke zaterdagavond een korte film uit. Vaak erg leuk om naar te kijken.
Onlangs was het de bekroonde film van Anne-Lise Morin, getiteld Ce quie demeure - Wat resteert. Het was een erg droevige film, maar zeer authentiek. Hoofdpersoon is een jongetje van zeven. Bij de aanvang van de film ligt hij bij zijn moeder in bed, ze neuriet een liedje en streelt zijn hoofd. Verder zien we hem in zijn dagelijkse doen. Hij viert zijn verjaardag, speelt met zijn grote broer, en hoort alle gebeurtenissen in huis aan.
Op de rug van zijn grote broer
Wie geheel ontbreekt is de moeder (met uitzondering van de strelende hand en het geneurie in het begin) van wie we gaandeweg te weten komen dat ze boven op bed ligt te sterven. We horen het gestommel boven, als er daar iets op de grond valt. Het hele gezin - behalve Pierrot - schiet naar boven om te helpen. En enige tijd later wordt er zo'n stang  naar boven gebracht met een infuus. Pierrot ziet en hoort dat er onenigheid is in het gezin, want wat heeft behandelen verder nog voor zin? Dat wil ze niet!
Het is prachtig weer, voor de openstaande buitendeur hangt een vitrage, Pierrot lijkt die dicht te willen smijten. Tussendoor zijn er momenten van spel, niks aan de hand.
Totdat het boven leeg is geworden, moeder is weg. Einde film.
Buitengewoon gevoelvol. De mooie zomer in contrast met het afscheid sprak me erg aan. Heel subtiel.
Voor wie het zelf wil zien, geef ik HIER DE LINK NAAR YOUTUBE. Circa 15 minuten.
Anne-Lise Morin.

zondag 10 juni 2018

Jantje van Leiden, Luc Panhuysen, 2003.

Boekomslag, voor- en achterkant

Schrijver Luc Panhuysen.
Met het oog op onze aanstaande reis naar Münster, kregen we dit boekje van Tenny te leen. Het is geschreven in een heel interessante reeks, te weten Verloren Verleden, waarin in kort bestek interessante mensen en gebeurtenissen uit de geschiedenis zijn opgetekend. (Onder andere verder nog Het stokje van Oldenbarnevelt, en Mata Hari.)
Het boekje is heel rijk geïllustreerd, wat het lezen natuurlijk veraangenaamt. 
De uitdrukking 'zich met een Jantje van Leiden ergens vanaf maken' betekent iets slordig, met weinig aandacht verrichten. In de zeventiende eeuw was de toon negatiever, had een zwaarder lading. 'Het afleggen met Jan van Leiden' sloeg op een persoon die mensen met mooie praatjes afscheepte. 
Jan van Leiden heette eigenlijk Jan Beukelszoon, hij leefde van 1509 tot 1536. Hij werd opgeleid tot kleermaker, en dreef later een herberg, In den witte Lely (Leiden).  Hij was ook meesterzanger, rijmdichter en toneelspeler bij stadse festiviteiten.
Jan bekeerde zich tot de Dopersen, nadat hij een preek van de legendarische Bernard Rottmann had gehoord.
Bernard Rottmann, 1495-1535 was de hoofdpredikant van de Wederdopers in Münster. Hij was hun intellectuele voorman en gangmaker. Rottmann was de enige leider die na de bestorming van de stad door de katholieke bisschop Frans van Waldeck wist te ontkomen. Plaats van overlijden onbekend.
In Münster waren de Dopersen toen al aardig vertegenwoordigd. Jan ging erheen met zijn vriend, de bakker Jan Matthijs, die hier de profeet werd. Een nieuwe Henoch.  De bakker had naar eigen zeggen een goddelijk visioen gezien.
Jan Matthijs, 1500-1534, charismatisch leider der Wederdopers. Onthoofd door de Bisschop.
Hieraan voorafgaand hadden de Dopersen geprobeerd om in Straatsburg Het Nieuwe Jeruzalem te vestigen, onder leiding van Melchior Hoffmann. Dit was niet gelukt, twee van zijn aangewezen opvolgers werden gedood, Hoffmann werd gevangen gezet en overleed 10 jaar later in gevangenschap. 
Melchior Hoffmann, ca. 1500-1534. Apocalyptisch prediker met veel invloed. Stond, anders dan Jan van Leiden, geweldloosheid voor, die later door Menno Simons zou worden overgenomen. 
Van belang is nog te weten, dat er diverse centra van Reformatie waren: Duitsland rond Luther, Zwitserland rond Zwingli. Zwingli (1485-1531) verving de katholieke mis door grotendeels een preek. 
De Reformatie had de Beeldenstorm bewerkstelligd. Ook werd de kinderdoop afgeschaft, en in plaats daarvan kwam de volwassen doop. Dat waren de anabaptisten. Zij geloofden bovendien in de gave van de profetie. Opvallend is verder, dat dat om gewone mensen ging, geen geleerden die de bijbel lazen en uitleg gaven. 
In dit verband is Thomas Münzer van belang: aanvankelijk vriend, later fel tegenstander van Luther. Hij was één der profeten van Zwickau.Verdelg de adel, verdelg de Kerk. De boeren verzamelden zich in het dorpje Frankenhause, waar ze onderworpen werden door  de landgraaf van Hessen. Dit heette de Boerenoorlog, van 1524-1525.
Thomas Müntzer (ook Munzer), 1490 - 1525;  Duits theoloog en prediker.
Hij brak met de ideeën van Maarten Luther, die hij aanvankelijk bewonderde. Uiteindelijk riep hij, in tegenstelling tot Luther, op tot daadwerkelijk verzet, met militaire middelen, tegen de feodale onderdrukking. Daarmee plaatste hij zich in 1524 aan het hoofd van de Duitse Boerenopstand, die eindigde toen hij in 1525 werd onthoofd. Het portret van Müntzer stond op het Oost-Duitse 5 markbiljet. De Oost-Duitsers zagen in Müntzer een communistische strijder tegen grootgrondbezit in de landbouw.
Münzer organiseerde in 1524 protestmarsen van boeren in Zwitserland en Zuid-Duitsland. De boeren eisten inspraak en waren contra de veel te hoge belastingen. Hun leus was: 'Verdelg de adel, verdelg de kerk.'
In Europa was nog meer onrust: bestorming door de Ottomaanse horden van Oost-Europa, en de belegering van de paus door huurlegers van Karel V. Er heerste dus een echte onheilsstemming.  De verschoppelingen van de boerenoorlog trokken naar Münster. 
Eerst was Jan van Leiden daar profeet, na korte tijd werd hij koning. Hij stelde een dictatoriaal en wreed regime in, met veelwijverij, vernietiging van privé-bezit, verwoesting van intellectueel werk (boeken, alles behalve de Bijbel) enzovoorts.
Jan zelf had maar liefst 17 vrouwen, de voornaamste was Dieuwertje, Diavara van Haarlem.
Dieuwertje van Haarlem, 1511-1535, leefde in concubinaat met Jan Matthijs, en trouwde met Jan van Leiden. Van de 17 vrouwen was zij de belangrijkste, de koningin: Divara. Onthoofd. 
Er ontstond een conflict met de bisschop van Münster, Franz Waldeck, die de stad belegerde.
Graf Franz von Waldeck, 1491-1553. Sloeg rebellie Münster neer.
Grappig was, dat die een wal opwierp, die steeds verplaatst werd, dichter naar de stadswal toe. Hij had dus een legertje van gravers nodig. Uiteindelijk eindigde het in een modderbad. Maar Jan werd overwonnen. Na een hal jaar werden hij en twee belangrijke kameraden, Bernd Knipperdolling, burgemeester, en Berend Krechting, rijkskanselier, gemarteld en gedood.
Bernd Knipperdolling, 1495-1536; burgemeester onder Koning Jan.
Van Berend Krechting, de derde persoon die met Jan van Leiden werd vermoord en in een kooi opgehangen aan de kerk, is geen afbeelding beschikbaar. 
De lijken werden in kooien aan de toeren van de Lambertuskerk gehangen. 50 jaar na dato (!) werden daar nog voor het laatst nog botresten gezien. De kooien hangen er nog steeds.
Lambertuskerk anno 2005, Münster.
De vreselijke kooien, anno 2006.
De historische opvolging der Dopersen ging heel anders: dat waren de Mennonieten, afgeleid van Menno Simons. Zij verbonden geen macht aan hun rijk, ze waren juist heel ingetogen. Het rijk van Jan van Leiden is wel vergeleken met dat van Stalin, van Hitler, en van IS. 
Menno Simons, 1496-1561.
Geloofsleer van de Mennonieten:
Totale scheiding van kerk en staat; afwijzing van de kinderdoop, het weigeren van de eed, persoonlijke belijdenis van mondige mensen in plaats van het onderschrijven van de door de kerk vastgelegde teksten.

Nog steeds gelden bij Doopsgezinden de uitgangspunten van persoonlijke verantwoordelijkheid van ieder lid of vriend van de gemeente. Doopsgezinden kennen geen ambtsdragers. De predikanten worden beschouwd als gewoon lid van de gemeente te midden van alle anderen. Respect voor elkaar en voor elkaars mening is normaal en ook betrokkenheid bij elkaar en de wereld, zonder dat dit tot beklemming leidt: er zijn geen meerderen en geen minderen. Een ander adagium in het kerkgenootschap luidt: niet moeten, maar mogen.
De geschiedenis van Münster gaat nog weer veel verder. Bommen-Berend, dat was bisschop Christoph Bernhard, Freiherr von Galen, 1606-1678.
'Bommen-Berend'
Deze geestelijke (!) deed in 1665 en in 1672, het Rampjaar, een uitval naar het noorden van Nederland. Die aanval werd afgeslagen. (Gronings Ontzet.)
Verder is Münster bekend om de Vrede van Münster: hier werd het verdrag getekend tussen Spanje en de Republiek, dat een einde maakte aan de 80-jarige oorlog. 
Schilderij van Gerard Terborch, Vrede van Münster. 
Leuk was het ook, om in dit boekje de naam van Lambertus Hortensius terug te vinden. Zie over hem mijn blog De ondergang van Naarden.
Lambertus Hortensius schreef ook het boek Van de Oproer der Wederdooperen, mitsgaders Historische Beschrijvingen ende Afbeeldingen der voornaamste Hoofdketteren enz., 1624.
In de nacht van 10 februari 1535 begeven naaktlopers, schreeuwend : 'wee, wee!' zich op straat. Uit het boek van Hortensius. Bijschrift: 'Haer nieuwe gheest die heeft gheblaeckt, alst openbaer ghebleken / by der straet loopende moedtnaect, en hebben 't huys aan brant ghesteken.' 
De plaat aan de voorkant van het boek is ook uit Lambertus Hortensius. Het gaat daar om de verkoop van de juwelen van de wederdopers. Zij schaften immers bezit af. 
Het naaktlopen gebeurde bij een opstand in Amsterdam. 
Ik vond nog erg interessante gegevens bij de Doopsgezinde Historische Kring, bijvoorbeeld deze foto:
Amish, bekende Dopersen in Amerika. 
Zie ook DEZE LINK, waar tal van pdf's te vinden zijn over de geschiedenis van de Dopersen. Geweldig! En in het bijzonder De chiliastische beweging der Wederdopers, een artikel van L.J. Jansma, van 1979. (Chiliastisch wil zeggen: het einde der tijden betreffende.) 
Verder vond ik een erg interessant artikel in de Vrijdenker, zie DEZE LINK, en zoek het artikel van Ewout Klei met als titel: De Christelijke Terreurstaat van Jantje van Leiden. Hierin wordt ook het boek genoemd dat mijn speicale aandacht heeft getrokken, van Friedrich Reck Malleczewen, Bockelson, Geschichte eines Massenwahns. Dat boek is van 1937, en Reck zag de overeenkomst met zijn eigen tijd. Zijn boek eindigde niet geheel buiten verwachting op de brandstapel van de nazi's. Ewout Klein noemt dit boek het beste over Jan van Leiden. 
Bockelson, Duits voor Beukelszoon, Jan van Leiden dus. Beste boek, 1937.