zaterdag 12 december 2020

Zeitgeist, met Paul Verhaeghe en Sylvia Wenmackers, vrijdag 11 december 2020.

Zeitgeist, podcast, vrijdags 17.00-18.00 uur
Werner Trio, presentator Zeitgeist
Gisteren, vrijdag 11 december, raakten Ton en ik toevallig in een radio-uitzending van Klara, de Belgische klassieke muziek-zender. Van 17.00 tot 18.00 uur was daar een praatprogramma, dat we hapsnap oppikten, en dat ik vandaag, een dag later, via de podcast in zijn geheel beluisterd heb. 
Het bleek, dat deze uitzending er één van de vier was onder de gezamenlijke titel Het onbehagen van Verhaeghe. 
Paul Verhaeghe, hoogleraar psychologie. 
Het Onbehagen van Verhaeghe III: kan een samenleving zonder waarheid?
Klara vatte de uitzending/podcast als volgt samen:
Na instellingen als kerk en overheid, lijkt de wetenschap snel aan autoriteit te verliezen. De coronacrisis heeft de wetenschappelijke twijfel en de discussie daarrond op de straatstenen gegooid. Het publiek, dat van wetenschap waarheden verwachtte, is in de war. Publiek psycholoog Paul Verhaeghe gaat met natuurkundige en wetenschapsfilosofe Sylvia Wenmackers op zoek naar eerherstel en een juiste omgang met wetenschap. 
Sylvia Wenmackers, wetenschapsfilosoof. 
Paul Verhaeghe is doctor in de klinische psychologie en hoogleraar aan de Universiteit Gent. Met Liefde in tijden van eenzaamheid (1998) brak hij door naar een algemeen en internationaal publiek. Het einde van de psychotherapie (2009), Identiteit (2012), Autoriteit (2015) en Intimiteit (2018) bereikten eveneens een groot internationaal lezerspubliek. In de pamflettenreeks Nieuw Licht publiceerde hij Over normaliteit en andere afwijkingen (2019).
Uitgave 2015.
Thema vandaag is de omgang met de waarheid; en de verhouding tussen kennis en waarheid. Verhaeghe, met zijn publicaties over identiteit, autoriteit en intimiteit zou hier zeker wat over te zeggen hebben. 
Hoe komt kennis tot stand? En moet basiskennis niet breder verspreid worden?
Daar zitten al meteen haken en ogen aan. Het Dunning-Krugereffect werd genoemd.: het verschijnsel is vernoemd naar de twee wetenschappers uit de naam, die het niet bedachten maar er wel onderzoek naar deden en erover publiceerden.
YouTube-filmpje waarin het Kruger-Dunning-effect wordt uitgelegd, ongeveer 5 minuten. 
PS: we lijden er allemaal aan!
Uitleg: Incompetente mensen overschatten nogal eens hun eigen kunnen en daardoor wanen ze zich bovengemiddeld competent. Mensen die werkelijk bovengemiddeld competent zijn, hebben daarentegen de neiging hun eigen kunnen te onderschatten. Een mogelijke  verklaring kan zijn een gebrek aan intellectueel zelfvertrouwen waar sommige competente mensen mee kampen: zij gaan ervan uit dat anderen net zo capabel zijn als zijzelf. Incompetente mensen vergissen zich dus doordat ze zichzelf te hoog inschatten, terwijl competente mensen zich vergissen doordat ze anderen te hoog inschatten.

Fact-checking? Helpt dat?
De vraag is, of mensen iets willen weten. De wetenschap zoekt met de ratio, maar zit je op het terrein van de morele overtuiging, dan geldt niet de ratio, maar de buik (onderbuikgevoelens). 
Bovendien lopen fact checkers door de snelle verspreiding van fake news via social media vaak achter de feiten aan en is het kwaad al geschied. In plaats van 'debunking' van valse informatie, is het beter zich te richten op 'prebunking', dat is het alert maken van mensen op signalen dat zij mogelijk gemanipuleerd worden. 
Worden we gemanipuleerd, of niet? Onderzoek de feiten vóór- of achteraf. 
We hebben het - aldus de sprekers - nu wel speciaal over kennisverspreiding in crisistijd: er zijn nu grote acute problemen. Zijn die er niet direct, dan kan er rustig gewerkt worden. Dat is ook noodzakelijk, en dat gebeurt gelukkig ook. Zie bij voorbeeld het werk van Anne-Mieke Vandamme, die interdisciplinair onderzoek doen naar corona bij het Institute of the Future. . 
Logo Institute of the Future, Universiteit Leuven; werkt inter-disciplinair.
Verhaeghe haalt als voorbeeld van wat je wilt geloven het verschil aan tussen aanhangers van het creationisme en van de evolutietheorie. In Amerika hebben de creationisten erg veel aanhang. Het is hier de vraag, aan wie de mensen hun vertrouwen geven. Wie het vertrouwen krijgt, die krijgt ook zeggenschap. Hij wordt aanvaard als autoriteit. Autoriteit is het aanvaarden van een externe bron. 
Met andere woorden: men moet in wetenschap geloven. 
Er zijn in Amerika ook verscheidene musea die het creationisme promoten, zoals dit, van Answers in Genesis).
Voor wat betreft de betrouwbaarheid van de wetenschap: in de natuurwetenschappen geldt, dat er replicatie-onderzoek moet worden gedaan: dit is onderzoek waarin onafhankelijke wetenschappers het oorspronkelijke onderzoek herhalen. Bij de geesteswetenschappen is dit niet mogelijk. Doel van de reproduceerbaarheid is, dat de bevindingen als geldig kunnen worden aangenomen, als diverse wetenschappers tot dezelfde conclusies komen. 

De media spelen echter ook een grote rol. In Duitsland is het boek Corona-hoax een groot succes.
Corona, Vals Alarm? 
In Duitsland zeer populair boek, waarin beweerd wordt dat de coronacrisis een hoax is. 
De medische verklaringen in het boek zijn naar de mening van gespecialiseerde wetenschappers tendentieus of niet verifieerbaar. 
Verhaeghe pleit, dat de media zo'n grote rol spelen bij het uitoefenen van gezag. Vroeger lag dit bij de religie, en bij de overheid. 
Maar zowel overheid als religie liggen tegenwoordig onder vuur. Je kunt de ene keer een artikel lezen over kernenergie waarin een voorstander aan het woord is, de andere keer een tegenstander. Wat moet je ervan geloven?
Eigenlijk zondigen wetenschappers nogal eens tegen de consensus. Er is heus vaak grote overeenstemming, Maar er doet zich iets anders voor: wetenschappers vervullen diverse rollen. Een wetenschapper die ook publieksfiguur is, leeft en werkt volgens andere wetten. Hij moet kijkers lokken, en is gebaat bij controverses. Bij controverses wordt niet de consensus verkondigd zoals die gevonden is in een vakgebied. 

Wenmackers benadrukt trouwens,  dat de herhaalbaarheid van de natuurwetenschappen vaak een mythe is. Men 'vond' wat men graag wilde vinden, er was vooringenomenheid. Wanneer dat werd hersteld, 'vond' men vaak weer wat er tegengesteld aan was, enzovoorts. Zo blijft het wetenschappelijk proces een zoeken. 
Verhaeghe noemt als voorbeeld de tabakslobby: die hebben ook wetenschappers, die weten te bewijzen dat roken helemaal niet zo slecht is. 
De tabakslobby weet altijd wel te weerleggen dat roken dodelijk is. 
Zo berust de nieuwe autoriteit (na geloof en overheid) weliswaar bij de wetenschap, maar die is omgeven met heel veel twijfel. Helaas roept dat dan vaak theorieën op die niet zo ethisch zijn. 
Om al te veel twijfel te voorkomen, is het nodig, dat de verschillende meningen vooralsnog binnenskamers blijven, zodat de consensus kan plaats vinden. Er moeten geen tegenstrijdigheden naar buiten worden gebracht.

Keuzes die gemaakt moeten worden geschieden vanuit de politiek. Daarvoor is veel expertise nodig, tegenwoordig bij de huidige pandemie ontbreekt daar veelal de gedragswetenschap in.
Nogmaals wordt er een verschil gemaakt tussen wetenschappers als opiniemakers, en degenen die advies verstrekken (naast de wetenschappers pur sang). De adviesverstrekkers hebben als expert een aparte rol, het panel noemt de Wetenschappelijke Raad in Nederland. Politici vertalen die adviezen in beleid. 
Logo Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. 
Overigens mag niet worden vergeten, dat er heel veel nieuw en onbekend is in deze crisis. Experts hebben zelf ook veel moeten leren. 
Maar bij zo veel onzekerheid zijn er zeker ook kapers op de kust, die de onzekerheid vergroten. Een moeilijke dynamiek wordt zo uitvergroot. 
Kritiek op klimaatontkenning door Banksy
In dit verband noemt Verhaeghe de klimaatcrisis. Helaas dringt kennis daaromtrent niet door tot het beleid van de politiek, noch (voldoende) in het gedrag van individuen. Op wetenschappelijk terrein is er hier wél consensus, maar helaas is de autoriteit van de wetenschap hier onvoldoende. 
De wetenschap, stelt Verhaeghe, wordt actief tegengewerkt door zogenáámde experts. Zij maken geen deel uit van het 'echte consensus-wetenschappelijk circuit', het zijn opzettelijke stoorzenders. Wie zijn dat? Wetenschappers uit een niet relevant vakgebied, die met het predikaat 'wetenschappelijk verleid zijn om tegengestelde informatie uit te zenden. Verhaeghe noemt ze 'acteurs': voorbeeld weer de tabakslobby. Maar ze zitten ook bij de klimaatcrisis. Het panel noemt Marijn Poels,
 Documentairemaker Marijn Poels gaat er prat op een linkse activist te zijn maar is nu de held van klimaatsceptisch Nederland. In de docu The Uncertainty Has Settled stelt Poels ons vrije denken over klimaat en energie ter discussie.
Jean-Pascal van Ypersele en Greta Thunberg bij de COP24 in Katowice in 2018.
Van Ypersele natuurlijk wel klimaatactief. 
Soms is het ronduit gevaarlijk opportunisten het woord te geven. In het geval van klimaatcrisis is er eenvoudig al consensus onder wetenschappers, 'polderen' is niet mogelijk met tegenstanders. (Het panel gebruikt het woord corporatisme, in plaats van polderen). NB: er is een consensus van meer dan 90 % over de feiten van klimaatverandering!
Praten met malafide tegenstanders voelt aan, alsof je iemand op hetzelfde niveau plaatst, en die plaats komt hem niet toe. Er is eenvoudig geen gelijkwaardigheid. 

Zo hebben we achtereen gezien: wetenschap, twijfel, consensus, peer review en empirisch onderzoek. 
Maar mensen zijn bespeelbaar, en worden soms in hun identiteit aangevallen. 
Hoe kan het vertrouwen worden hersteld?

Door openheid, en door rolmodellen: vertrouwenwekkende publieke figuren om je mee te identificeren. Niet door zich als onfeilbaar te presenteren, dat werkt averechts. 
Het onderwijs kan worden ingezet, met een nieuwe rol. De oude rol was: kennis verspreiden, de nieuwe: het leren evalueren van kennis, en bronnen van kennis. 
Expeditie Moendoes is een spannend spel met opdrachtkaartjes, waarin leerlingen een onbekende planeet in kaart brengen. Ze moeten daarvoor informatie verzamelen, gegevens uitwisselen en conclusies publiceren: kortom, te werk gaan als een team wetenschappers.
Wenmackers noemt in dit verband het spel Expeditie Moendoes, een spel voor scholieren om te leren opereren als wetenschappers. 
Verhaeghe noemt het Gents Universiteitsmuseum, voor Kunst, Wetenschap en Twijfel. 
GUM voor Kunst, Wetenschap en Twijfel. 
Het msueum laat zien, hoe wetenschap evolueert met vallen en opstaan. 

donderdag 10 december 2020

Het begrip Angst, Søren Kierkegaard, 1844 (2020)

"Wat mijn eigen persoontje betreft: ik erken eerlijkdat ik als auteur een koning zonder land ben, maar ook in vrees en veel beven een schrijver die zich niets verbeeldt."
Søren Kierkegaard, p. 12
Boekomslag
Dit is deel 4 van de Kierkegaard Werken, het verzameld werk van de Deen Søren Kierkegaard. Sinds mei 2006 komen Kierkegaard experts uit Nederland en Vlaanderen bijeen om, in samenwerking met Uitgeverij Damon, de Nederlandstalige uitgave van de werken van Kierkegaard te realiseren. Daarbij maken zij gebruik van de nieuwe, kritische Deense uitgave Søren Kierkegaard Skrifter, afgekort SKS. In oktober verscheen daarvan het 14e deel, zie verder deze Kierkegaard-site.
Søren Kierkegaard (1813-1855)
Wat is deze man jong gestorven! En hoe bijzonder, dat hij zo'n rijk oeuvre heeft nagelaten. Ik geloof, dat hij in 10-12 jaar tijd zo'n veertig boeken geschreven heeft. Met het allermeeste plezier las ik daarvan Wat de liefde doet. 
Uitgaven in 2007 en 2011.
Dit is een heerlijk boek om zo nu en dan ter hand te nemen voor wat geestelijk voedsel. Het sterkt de geest, en maakt je optimistisch. Dat kan ik af en toe goed gebruiken!
Ik las ook Angst en Beven, een boek dat wezenlijk over geloven gaat (zoals Wat de liefde doet uiteraard over de liefde gaat. 
Wat ik heerlijk vind aan Kierkegaard, is zijn scherpzinnigheid, en zijn warsheid van 'geleuter'. Kom bij hem daar niet mee aan, hij prikt overal doorheen. Hij spaart niemand, ook zichzelf niet. Als filosoof-theoloog zoekt hij zijn eigen weg door het leven te onderzoeken. Óók de wetenschappers van zijn tijd beschouwt hij kritisch. Velen van hen ken ik niet. De naam Hegel ken ik wel, maar ik weet alleen van zijn dialectiek een beetje.
Portret Hegel, 1831, door Schlesinger. .  
Dat brengt me meteen naar een goed begrip van Kierkegaards werken: dat valt niet mee, Kierkegaard is erg moeilijk. Vooral dit boek heeft die naam, ik kan dat beamen. Ik weet te weinig van Hegel, noch minder van zijn andere tijdgenoten met wie Kierkegaard polemiseert. Weliswaar zijn de boeken in deze serie Kierkegaard Werken goed voorzien van noten en aantekeningen, maar ik blijf een filosofisch ongeschoold iemand, veel gaat langs me heen.
(Overigens gaat het bij herlezen steeds iets gemakkelijker. En Wat de liefde doet is een aardige uitzondering op de regel van de moeilijke Kierkegaard.)  

Wat bracht mij ertoe dit boek van Kierkegaard te gaan lezen? 
Dat was een driedelige documentaire-serie van de EO, met de titel Waar ben je bang voor? Maker was de journalist Stevo Akkerman, een columnist van mijn krant, die ik graag lees. 
Stevo Akkerman
Ik vond het een goede serie, waarin het thema angst van verschillende kanten belicht werd. Er werd gesproken met diverse deskundigen, en tussendoor lieten twee acteurs zien hoe angst zich kon voordoen in hun leven. 
Lieke Marsman, moet leven met uitgezaaide kanker. Id dichter.
Prof. dr. Renée van Riessen
Zie voor deze godsdienstfilosoof  DEZE SITE en ook DEZE.
Hans Alma, psycholoog
Jim van Os, psychiater.
Marc de Kessel, filosoof.
Dit waren twee acteurs, ik weet geen namen. Zij verbeeldden de angsten van het dagelijkse leven. De stukjes waren een beetje raadselachtig, het maakte het geheel ook wat rommelig. 
Bij alle mooie overwegingen over angst werd ook het boekje van Kierkegaard genoemd. Dat trok mijn aandacht. 
Ik kon het werk niet een-twee-drie te pakken krijgen, maar vond ten slotte toch een recente herdruk. 

Ik geef eerst de samenvatting van de uitgever: 
Verschenen in de serie: Werken Kierkegaard, onder zijn pseudoniem Vigilius Haufniensis (de 'wachter' van Kopenhagen). Kierkegaard was de eerste die in de wijsgerige antropologie het onderscheid tussen vrees en angst nauwkeurig formuleerde en hanteerde: vrees betekent dat men bang is voor iets concreets, angst dat men bang is voor iets onbekends. Angst slaat op wat mogelijk is, maar er (nog) niet is. Daarom roept de confrontatie met de mogelijkheid van de vrijheid bij de mens angst op: angst voor de eigen mogelijkheden. Angst is een noodzakelijk stadium op weg naar de vrijheid, maar men kan daar ook in blijven hangen. Rond het centrale thema van de angst snijdt Vigilius Haufniensis een hele reeks thema's aan die in de latere geschriften van Kierkegaard uitgewerkt worden. Het begrip angst vormt het vierde deel in de serie Kierkegaard Werken. Het boek wordt uitgegeven in samenwerking met de 'Redactieraad Kierkegaard Werken' (www.kierkegaard.be) en de Søren Kierkegaard Skrifter (uitgegeven door het 'Søren Kierkegaard Research Centre' te Kopenhagen, www.sk.ku.dk). Uitgeverij Damon is in samenwerking met de 'Redactieraad Kierkegaard Werken' de Nederlandstalige partner van de de nieuwe kritische Deense editie.
Standbeeld Kierkegaard te Kopenhagen.
Kierkegaard zelf beschouwt dit als een psychologisch werkje.  Psychologie werd toen, 19e eeuw, nog wel anders begrepen dan wij nu doen. 
Wat heb ik er zelf van opgestoken? 
Zoals boven staat vermeld, gaat het Kierkegaard om de angst voor de mogelijkheid. Je kunt in het leven uit een baaierd van mogelijkheden kiezen, en dat roept angst op. Angst voor het goede, of angst voor het kwade. 
Kierkegaard brengt de angst in verband met de erfzonde. Hij legt heel duiddelijk uit, dat de erfzonde niet een zonde is die alleen door Adam en Eva in het paradijs is begaan. Ieder mens is een individu en tegelijk de mensheid. Elk mens begaat de erfzonde (verliest op een zeker moment zijn onschuld), en is daarmee belast met de erfzonde van de voorvaderen + met die van zichzelf. De erfzonde wordt dus steeds groter. 
Angst om het goede te doen is er ook zeker, omdat het betekent dat je de verantwoording kunt nemen  voor jezelf. En daarmee voor je vrijheid. 
Angst voor het kwade spreekt vanzelf, je kunt overmand worden door de gedachten aan wat er mis kan gaan. 

Ik las, dat er in Het begrip angst heel veel wordt vermeld, wat Kierkegaard in latere werken nader heeft uitgewerkt. Het boeit me om me met hem bezig te houden. 

In 2013 was het 200 jaar geleden dat hij geboren werd. 
Artikel van Jelmer Mommers, bij zijn 200e geboortejaar. 
Onder deze naam verscheen zijn verzameld werk in het Deens; het is de basis voor de prachtige Nederlandse uitgaven. 
Kierkegaard wordt als voorloper van het existentialisme gezien, omdat hij oog had voor de wanhoop en het lijden van de moderne mens. Anders dan de existentialisten zag Kierkegaard uitkomst in het geloof. 
De FILOSOFIE-SITE legt kort uit wat dat existentialisme bij Kierkegaard inhoudt: 
"De belangrijkste vraag in het werk van Søren Aabye Kierkegaard is misschien wel ‘Hoe wordt de mens zichzelf?’ De existentie van de mens, zijn bestaan en de manier waarop hij dit vorm geeft, staan centraal in de filosofie van de Deense filosoof. Volgens Kierkegaard is de mens echt zichzelf wanneer hij een enkeling is. Daarom wordt hij door velen gezien als de grondlegger van het existentialisme. Dat later met Sartre en De Beauvoir vooral bekend zal worden als de stroming die de mens doemt tot vrijheid."
Logo Filosofie Magazine
Verder maakt de Filosofie-site een indeling in Kierkegaards werk: 
"De verschillende werken van Kierkegaard worden vaak uitgelegd alsof ze onderdeel zijn van één theorie: een proces dat uiteenvalt in drie stadia, namelijk het esthetische (het driftleven), het ethische (zedelijke bewustwording) en het religieuze (schuldig voor God). De mens zou zich gedurende zijn leven door deze stadia bewegen en van de ene fase kunnen opstijgen naar de volgende. Om het laatste stadium te bereiken is echter een sprong nodig (een leap of faith), waarbij men de rede achter zich laat en zich overgeeft aan het idee God."
Kierkegaard, Nietzsche en Sartre.
 Drie existentialisten. Als vierde wordt hierbij nog vaak Dostojevski genoemd. Kierkegaard gebruikte de term existentialisme niet, dat deed Sartre voor het eerst. Kierkegaard had het eerder over individualisme. Dat ligt dichtbij het latere existentialisme, zoals blijkt uit dit citaat uit 'De ziekte tot de dood': 
“Het grootste gevaar van allemaal, zichzelf verliezen, kan heel rustig in de wereld voorkomen, alsof het helemaal niets is. Geen enkel ander verlies kan zo stil optreden; elk ander verlies - een arm, een been, vijf dollar, een vrouw, enz. - zal zeker worden opgemerkt. " (SK)

Kierkegaard gebruikte dikwijls pseudoniemen voor zijn uitgaven. Ik noem er enkele:
Johannes de Silentio; Johannes Climacus; Anti-Climacus en Vigilius Haufniensis.
Men zegt, dat hij zo goed kritiek op zichzelf kon leveren.  
Kierkegaard uitgelegd in circa 6 minuten. 

zondag 6 december 2020

John Constable, Teylers Museum 2020-2021

Banner
Vrijdag jongstleden bezochten we de tentoonstelling John Constable in het Teylersmuseum. De coronamaatregelen golden uiteraard nog, er waren tijdssloten ingesteld. In de hoofdzaal mochten niet meer dan dertig mensen, in een kleiner zaaltje met tekeningen niet meer dan tien. 
Het was redelijk rustig. Toch voel je je onrustiger dan normaal, je loopt niet even terug naar een schilderij, om elkaar heen lopen geeft onrust, je wil ook niet te lang staan te kijken, ook niet even met je dochter - die niet tot je huishouden hoort - even iets bespreken. 
Zelfportret John Constable, 1804.
Nu terugkijken (om te bloggen) op de tentoonstelling is óók weer lastig, omdat Teylers niet de getoonde werken op internet heeft staan, 
Gelukkig vond ik een John Constable Site,waar ik graag gebruik van maakte. (En nog van wat andere sites.)
Deze foto komt van Christie's, geplaatst in 2010. 
View of Reading from the River, Oxfordshire
Ik kende Constable eigenlijk niet. John Constable leefde van 1776 tot 1837, en was een Engels landschapschilder en aquarellist van het romantische realisme. 
The Beach at Osmington Mills, 1816. Met dit schilderij adverteert Teylers. 
Teylers maakte vooral reclame voor zijn schilderijen met wolkenluchten. Wolkenluchten ontroeren mij zeer!
Wolkenstudie, 1822. Het interessante is, dat hij van elke studie exacte datum en tijdstip noteerde. Hij deed niet zo maar wat, hij observeerde op wetenschappelijke wijze. 
View at Hampstead, looking towards London, John Constable, V & A
Cloud study 1821
Study of cumulus clouds, 1822.
Interessant is te weten, dat Constable zich ook wetenschappelijk verdiepte in de meteorologie. 
Hij had verstand van wolken, regenbogen en andere eigenaardigheden van de zon. 
London from Hampstead with a Double Rainbow, 1831
Hier had ik het over: zowel een dubbele regenboog, als nog zeldzamere zogenaamde anti-zonnestralen, die uit een punt aan de horizon recht tegenover de zon lijken te komen. De correcte weergave toont hoe wetenscappelijk precies Constable op dat moment te werk ging, Waarschijnlijk is dit de eerste visuele registratie van dit lichteffect in combinatie met een dubbele regenboog. 
(Tekst gidsje bij de tentoonstelling, onder nummer 42.)
Rainstorm over the sea, 1824-1828
Nog ééntje, om het af te leren.... 
Stonehenge, 1835.
Landscape with a double rainbow.
We maakten dit uitje met onze dochter,die kunsthistoricus is. Altijd leuk om van haar te horen wat háár opvalt in een schilderij:
A Watermill at Gillingham, Dorset, V&A
Zij keek hier naar de opmerkzaamheid waarmee Constable het groen geschilderd had. Op de voorgrond links zie je een heel bossage, waarin toch de verschillende soorten goed te onderscheiden zijn. 
Study of the Trunk of an Elm Tree, oil painting, John Constable, about 1821, England. Museum no. 786-1888. © Victoria and Albert Museum, London
Teylers had deze boom-studie gehangen naast die van een andere kunstenaar, Anthonie Waterloo. 
Oude wilg.
Hier had dat  plaatje moeten staan van Anthonie Waterloo (1609-1690), voorstellende een oude eik; Waterloo is een van de oude meesters die Constable hebben geïnspireerd. Het plaatje hierboven is weliswaar van Waterloo, maar het stelt een oude wilg voor. De eik is onvindbaar op internet, helaas. (Het was wel ook zo'n mooie opengespleten stam.)
A Willow tree in Flatford Meadows, Constable. 
Helaas een onduidelijk plaatje. In de kleine zaal was van deze tekening een sterke vergroting als dia neergelegd, waarop duidelijk zichtbaar was hoe elk lijntje telde. 
Deze vond ik heel merkwaardig, daardoor ook mooi. Ik wist eigenlijk helemaal niet wat ik zag!
Ik citeer het Victoria and Albert Museum: 
This drawing is based upon the central section of Constable's oil painting Dedham Lock and Mill, which is also in the V&A's collection. It is likely to be a reworking of the painting, rather than a direct drawing from nature. The drawing, though, gives the scene a strikingly different character. Whereas the painting is bathed with sunlight and depicts busy water traffic, the drawing's dramatic use of tone creates an atmosphere of brooding melancholy. Line is hardly evident at all. Nearly all the forms are created with solid blocks of dark sepia ink, with few mid-tones. The tower of Dedham church can be seen in the distance, apparently threatened by the ominous and overhanging forms of the trees.
Deadham lock and mill; Constable had een paar uitgewerkte versies van deze plek. 
Dit is ook interessant: onder is van Ruisdaal, boven van Constabel. Het is bijna een exacte kopie. 

De molen, Rembrandt van Rijn, ca. 1646.
Ik kan de versie van Constable niet terugvinden; het zou heel best een exacte kopie kunnen zijn (vergelijk de kopie van Van Ruisdaal). 
Dit zag je een paar keer: beschadigde rechterzijde, Constable schilderde kennelijk op papier. Soms waren er ook nog de gaatjes te zien, waarmee hij het vel had vastgepind. Of je zag nog een verkleuring van een oude rand. 
Leuk filmpje over de expositie. Er is er nog een op YouTube te vinden, nog wat langer, met nog meer beelden + info. 
Ik wil niet verhullen dat ik via Jan Voerman Sr. tot Constable gekomen ben. Voerman is 'de IJsselschilder' , van hem kende ik al de ontroering bij wolkenluchten. 
(En dan die IJssel er nog bij, geweldig!)
Jan Voerman sr.
1857-1941
Gezicht op Hattem na de storm in Borculo