woensdag 15 november 2017

Verhalen van het Alhambra, Washington Irving, 1832 (2006)

Nederlandse uitgave. 
Het wordt het meest gelezen boek over het Alhambra genoemd. Ik laat een aantal uitgaven zien, die allemaal zo mooi zijn vanwege de illustraties. Het boek is in allerlei talen vertaald. 




Dit Nederlandse boekje kochten we in Granada, waar het in grote aantallen lag op een marktstal in het Alhambra. In allerlei talen, waaronder de onze!
In het Alhambra zelf hadden we al de kamer (althans: de deur) gezien van het vertrek waar Washington Irving in de negentiende eeuw gewoond heeft. 
Hij was van plan daar lang te blijven, maar werd al na een paar maanden opgeroepen voor zijn werk bij de delegatie van de Amerikaanse regering in Londen. 
Ik heb het boekje met veel plezier gelezen. Het stikt van de taalfouten, voor een deel te wijten aan een slechte correctie van de drukproeven (woorden aaneen geschreven bijvoorbeeld). 
Los daarvan, is de taal af en toe dolkomisch. Ik weet niet of het opzet was, om er zo veel humor in te stoppen. Of dat het te danken is aan het negentiende eeuws, dat ik wel meer op grappig taaleigen heb weten te betrappen (mannen die krijsen of gillen, haha). Hoe dan ook, ik schoot nu en dan in een onbedaarlijke lach. Hier bijvoorbeeld:
'Het kleine juffertje (Dolores, AdW) heeeft een vrouwelijke passie voor allerhande soorten huisdieren, en tengevolge van haar overmatige goedaardigheid, werd één van de vervallen zalen van het Alhambra met haar lievelingsdieren volgestouwd.' 
'De rijken verkiezen het geklingel van hun goud boven het aanhoren van poëzie en muziek.'
'Hij sloeg een kruisteken en vroeg hem om zijn zegen, maar, geloof het of niet, hij ontving een dreun.'

Wat ik nog meer zo leuk vond aan het boekje, was de informatie over hoe het Alhambra er in die tijd (twintiger jaren van de negentiende eeuw) uitzag:
Het was eigenlijk in verval, en in de verblijven huisden arme mensen  van alle slag. Velen behoren tot dezelfde familie. In de heuvels rondom het Alhambra waren holwoningen, waarin rovers en zigeuners woonden. Er was een Gouverneur die het gezag uitoefende. 
Rondom het Alhambra vertoefden ook veel invalide soldaten; waren dat nog slachtoffers van de Napoleontische oorlog? 
Alle waterwerken van de Moren waren nog wel in tact, en ook mooi zalen, als de Gouverneurszaal was nog vol van de pracht van de Moren. 
Patio de la Alberca, met zicht op de Comarestoren.
Men zei dat het er spookte; menig spookverhaal ging rond. Toen Irving zelf een keer verhuisde van de ene kamer naar de andere, merkte hij een akelig gehuil op 's nachts. Later bleek dat van een arm, ziek familielid te zijn. 
Rond de fonteinen houden zich meestal roddelende vrouwen op. Irving wordt meestal vergezeld door Mateo, een oude bedelaar. (Die traditie heeft het Alhambra nog steeds: kom je er in de buurt, dan krijg je meteen een arme sloeber op je dak die je de weg wil wijzen, en daarvoor zijn hand ophoudt voor een kop koffie!) Mateo kent heel veel verhalen en legendes rond het Alhambra, waarop we dan ook rijkelijk getrakteerd worden. 
Er zijn een paar terugkerende thema's in de sprookjesachtige verhalen: de Moren zouden hun schatten overal verborgen hebben, dikwijls in 'de buik' van een berg. Er is steeds sprake van inhalige katholieke broeders, die altijd wel proberen de gelukkige vinders van de schatten hun gevonden rijkdom te ontfutselen. Met een beroep natuurlijk op het ware geloof! Schone prinsessen komen vaak voor, en dito prinsen. Drie prinsessen met name worden genoemd: Zayda, Zorayda en Zorahayda. 
Afbeelding van de drie schone prinsessen, dochters van de Linkshandige Boabdil. 
De Prinsessentoren.
Feit en fictie wisselen elkaar af in het boekje, want Irving behandelt ook delen van de Spaanse  geschiedenis. De laatste Moorse vorst was koning Boabdil, die door de katholieke vorsten verdreven werd naar Berberije. Dit is een oude benaming voor Noord-Afrika. 
Boabdil, Mohammed XII, Koning van Granada 1482-1483; 1487-1492
Muley Hacén, vader van Boabdil; Dynastie de Nasriden
Sala de los Abencerrajes.
Citaat:
The story is told that one of the Abencerrages, having fallen in love with a lady of the royal family, was caught in the act of climbing up to her window. The king, enraged, shut up the whole family in one of the halls of the Alahmbra, and ordered the Zegris to kill them all. The apartment where this is said to have taken place is one of the most beautiful courts of the Alhambra, and is still called the Hall of the Abencerrages.
Voorstelling van de moord op de Abencerrajes.
Sala de los Abencerrajes. Natuurlijk waarden hier spoken rond, en zouden er zelfs nog bloedvlekken op de vloer zitten. 
Overgave van Granada, links Mohammed Abu Abdallah (Boabdil) en rechts Ferdinand en Isabella. Schilderij van F. Padilla.
Dit staat bekend als de Reconquista, en vond plaats in 1492. Beide feiten worden niet door Irving zo benoemd. Irinvg rept ook met geen woord over de Joden, die in datzelfde jaar van het Iberische schiereiland verdreven werden. 
Salida de la familia de Boabdil de la Alhambra: voorstelling van het vertrekken van de familie Boabdil.
Leeuwenpatio, komt veelvuldig voor. 
Het riviertje de Darro.
Het Albaicin, de nog steeds bestaande Moorse wijk. 

Comarestoren, zo genoemd naar de architect. 
Salón de los embajadores, in de Comarestoren.
Sala de las dos hermanas.
Tal van sprookjeselementen komen voor in de verhalen die mondeling werden doorverteld. Mensen die verstenen onder de vloer bij de Moorse schatten. Een paard dat in no time door heel Spanje heen vliegt. Een vliegend tapijt. De schatten. 
Ja, ook een vliegend tapijt komt erin voor.
Dit is een dagguerotype van Washington Irving. Irinvg leefde van 1783 tot 1859. Hij schreef verder onder meer Rip van Winkle, en de geschiedenis van Columbus. Maar het was altijd geromantiseerde geschiedenis bij hem. 
Opmerkelijk is, dat Irving vertelt, dat de Moslims (Moren) er nog altijd van overtuigd zijn dat 'er een dag zou komen waarop de Moren hun rechtmatige bezittingen terug zouden veroveren.'.'Ze beschouwen Spanje, en dan vooral Andalusië, als hun rechtmatige erfenis, een erfenis waar ze door geweld en geweld van beroofd werden. 
Elisabeth Robins Pennell. Tekening van haar man. 
Interessant is, dat het eerste hoofdstuk, dat de reis beschrijft van Sevilla naar Granada per muilezel, niet geschreven werd door Irving, maar door een vrouw: Elisabeth Robins Pennell. Een avontuurlijke vrouw, die onder meer bekend werd door haar biografie van Mary Wolstonecraft. Dit deel van het boek werd pas gepubliceerd in 1896. 
Stil hoekje van de Moorse wijk
Vertrek van Boabdil uit Granada
Washington Irving, veel jonger dan boven. 
Dit is Realejo, de Joodse wijk in Granada. Komt in het boek van Irving niet voor.
Generalife. De heerlijke geuren van de tuinen worden herhaaldelijk genoemd. Ook de vele vogels die er huizen, onder andere nachtegalen en zwaluwen en gierzwaluwen. 
Gierzwaluwen

Maar wij hebben bij ons bezoek aan het Alhambra geen enkele gierzwaluw gezien! Geen wonder: er was een speciaal programma uitgevoerd, natuurvriendelijk, dat wel, om de gierzwaluw te weren. Door de talrijke nesten liepen de bouwwerken steeds meer gevaar op.  

Kijk hem maar eens zitten...!
Pinos puente, provincie Granada. Hier heeft een groot deel van de strijd tussen christenen en Moren gewoed. 
Huwelijksportret van Ferdinand en Isabella uit 1469. Deze katholieke vorsten verdreven Joden en Moren in 1492. Dit staat bekend als de Reconquista. 
De Conquista vond plaats vanaf het jaar 711. Hierboven een kaart met de veroveringen in Spanje door de Islam.
Afbeelding van Tariq ibn Ziyad, generaal van de Moslimsoldaten van rond 711.
De tijd van de Moslim-overheersing was overigens een tijd van grote beschaving en rijkdom voor het hele land. Kunsten en wetenschappen werden tot grote bloei gebracht, landbouw, nijverheid en handel werden bevorderd. Er kwamen universiteiten in Cordoba, Toledo, Granada en Sevilla. Muziek en poëzie bloeiden. Herhaaldelijk worden met name de waterwerken geroemd, die verkoeling brachten, en hygiëne. (In het Alhambra dan, waar de rijken woonden.)
Wel bleven er, volgens de verhalen, de religieuze tegenstellingen.
We hebben het bij de Moren van het Alhambra over de De Nasriden. Dit  was een islamitische, Berberse dynastie binnen het rijk van Granada die regeerde van  1237 tot 1492, het jaar waarin Spanje de Moorse heersers over het Iberisch Schiereiland definitief versloeg.
Nasriden, 1238-1492
Deel van het Nasriden-paleis, met uitzicht op leeuwenpatio.
Detail versieringen Nasriden.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten